Medeplegen van invoer van hennep in Nederland leidt tot taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 4 oktober 2024 · Op tegenspraak · Strafrecht

Bewezenverklaring medeplegen van de invoer van bijna zes kilo hennep. Oplegging taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf.

Rechtsvraag

Heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van het binnen het grondgebied van Nederland brengen van 5.950 gram hennep, zoals ten laste is gelegd?

Regel

  • art. 3, onder A, Opiumwet (verbod op het binnen of buiten het grondgebied van Nederland brengen van middelen vermeld op lijst II)
  • art. 47, lid 1, sub 1, Wetboek van Strafrecht (medeplegen van een strafbaar feit)

Toepassing

  • art. 3, onder A, Opiumwet (verbod op het binnen of buiten het grondgebied van Nederland brengen van middelen vermeld op lijst II) De rechtbank stelt vast dat verdachte samen met anderen in een auto de grens van België naar Nederland heeft gepasseerd. In de auto werd vervolgens 5.950 gram hennep aangetroffen. De rechtbank acht bewezen dat de verdachte opzettelijk handelde, omdat uit de verklaringen van de verdachten blijkt dat zij wisten dat zij hennep bij zich hadden en dat zij de grens overgingen. Dit wordt ondersteund door de verklaringen dat zij in België hennep hebben geknipt en wisten dat zij niet in Nederland waren op basis van hun omgeving. Dit duidt op opzet bij het binnen Nederland brengen van hennep. (Rechtsoverweging 4.3.2)
  • art. 47, lid 1, sub 1, Wetboek van Strafrecht (medeplegen van een strafbaar feit) De verdachte heeft samen met anderen gehandeld door gezamenlijk in een auto de grens van België naar Nederland over te steken met hennep aan boord. De rechtbank oordeelt dat er sprake is van nauwe en bewuste samenwerking tussen de verdachten, wat medeplegen impliceert. De gezamenlijke reis en het gedeelde doel om hennep naar Nederland te brengen wijzen op een bewuste samenwerking tussen de verdachten. (Rechtsoverweging 4.3.2)

Conclusie

De rechtbank concludeert dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van het binnen het grondgebied van Nederland brengen van 5.950 gram hennep. De bewezenverklaring is gebaseerd op de vaststelling dat de verdachte samen met anderen opzettelijk handelde en de grens met hennep overschreed, met voldoende bewijs voor medeplegen.

Partijen en standpunten

  • Eiser: Openbaar Ministerie
  • Gedaagde: Verdachte

Het Openbaar Ministerie acht bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van de invoer van 5.950 gram hennep.

De verdediging betwist de opzet op de invoer van hennep en refereert zich ten aanzien van het medeplegen van het aanwezig hebben van hennep aan het oordeel van de rechtbank.

Wetsartikelen

Tijdlijn

  1. 23-02-2022 Verdachte en medeverdachten hebben samen 5.950 gram hennep vanuit België naar Nederland gebracht. Ze hebben de grens gepasseerd en zijn vlak daarna betrapt door een verbalisant van de marechaussee.
  2. 23-02-2022 De politie heeft de hennep in beslag genomen nadat deze in de auto van de verdachten werd aangetroffen na de grensovergang.
  3. 23-02-2022 De verdachte is in verzekering gesteld op verdenking van het medeplegen van de invoer van hennep.
  4. Onbekend De verdachte is gedagvaard voor de tenlastelegging van het medeplegen van de invoer van hennep.
  5. 20-09-2024 De zaak is inhoudelijk behandeld door de rechtbank te Breda. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt tijdens de zitting.
  6. 04-10-2024 De rechtbank heeft verdachte schuldig bevonden aan het medeplegen van de invoer van hennep. Verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 weken met een proeftijd van 2 jaar.