Bijschrijvingen op bankrekening als inkomen bij AIO-aanvulling; vrijlatingsfaciliteit maximaal zes maanden.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant ยท 26 juli 2024 ยท Eerste aanleg - enkelvoudig ยท Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht

Herziening AIO-aanvulling | Inkomsten | Dwangsombesluit.

Rechtsvraag

De centrale juridische kwestie is of de SVB terecht de AIO-aanvulling van eiseres over de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 mei 2023 heeft herzien vanwege vermeende inkomsten uit overige werkzaamheden en schending van de inlichtingenplicht.

Regel

  • art. 17 lid 1, Participatiewet (Pw) (inlichtingenplicht voor feiten en omstandigheden die van invloed kunnen zijn op bijstand)
  • art. 31 lid 1 en lid 2 aanhef en onder n, Participatiewet (Pw) (middelen en vrijlatingsfaciliteit)
  • art. 32 lid 1, Participatiewet (Pw) (definitie van inkomen)
  • art. 53a lid 1 en lid 6, Participatiewet (Pw) (onderzoeksbevoegdheid SVB)
  • art. 4:17, Algemene wet bestuursrecht (Awb) (dwangsom bij niet tijdig beslissen)

Toepassing

  • art. 17 lid 1, Participatiewet (Pw) (inlichtingenplicht voor feiten en omstandigheden die van invloed kunnen zijn op bijstand) De rechtbank oordeelt dat eiseres de inlichtingenplicht heeft geschonden door geen melding te maken van de bijschrijvingen op haar bankrekening die als inkomen zijn aangemerkt. De SVB heeft eiseres bij het toekenningsbesluit gewezen op de inlichtingenplicht, en het feit dat zij niet op eigen initiatief melding heeft gemaakt van de bijschrijvingen, vormt een schending van deze plicht. De subjectieve intentie van eiseres om informatie achter te houden is niet van belang, aangezien de inlichtingenplicht objectief is geformuleerd. Rechtsoverwegingen: 8.1, 10.1, 10.3.
  • art. 31 lid 1 en lid 2 aanhef en onder n, Participatiewet (Pw) (middelen en vrijlatingsfaciliteit) De rechtbank volgt de SVB in hun beoordeling dat de bijschrijvingen als inkomen moeten worden aangemerkt en dat deze vallen onder de middelen zoals bedoeld in artikel 31, lid 1. De vrijlatingsfaciliteit van 25% gedurende zes maanden is al toegepast voor januari tot en met juni 2021. De rechtbank verwerpt het argument van eiseres dat de vrijstelling opnieuw zou moeten starten na een maand zonder inkomsten. Rechtsoverwegingen: 8.2, 9.2.
  • art. 32 lid 1, Participatiewet (Pw) (definitie van inkomen) De rechtbank beoordeelt dat de bijschrijvingen op de bankrekening van eiseres als inkomen moeten worden beschouwd, aangezien deze een terugkerend karakter hebben en kunnen worden aangewend voor de algemene noodzakelijke bestaanskosten. De rechtbank wijst erop dat dit in lijn is met de vaste rechtspraak van de CRvB. Rechtsoverwegingen: 8.2, 8.3.
  • art. 53a lid 1 en lid 6, Participatiewet (Pw) (onderzoeksbevoegdheid SVB) De rechtbank oordeelt dat de SVB op grond van artikel 53a bevoegd was om onderzoek te doen naar de bankafschriften van eiseres, omdat er een significante toename van haar vermogen was geconstateerd. De onderzoeksbevoegdheid kan spontaan worden uitgeoefend zonder daaraan voorafgaand signaal of vermoeden. Rechtsoverwegingen: 6.1, 6.2.
  • art. 4:17, Algemene wet bestuursrecht (Awb) (dwangsom bij niet tijdig beslissen) De rechtbank concludeert dat de SVB niet tijdig heeft beslist op het bezwaar van eiseres en daarom een dwangsom verschuldigd is. De termijn was overschreden en eiseres heeft terecht een ingebrekestelling verstuurd. De rechtbank stelt de dwangsom vast op โ‚ฌ 392,- voor de periode van 7 december 2023 tot en met 20 december 2023. Rechtsoverwegingen: 12.5, 12.6, 12.8.

Conclusie

De rechtbank verklaart het beroep van eiseres tegen de herziening van de AIO-aanvulling ongegrond, omdat de SVB terecht de bijschrijvingen als inkomen heeft aangemerkt en eiseres de inlichtingenplicht heeft geschonden. Het beroep tegen het dwangsombesluit is gegrond, omdat de SVB niet tijdig een beslissing heeft genomen, waardoor eiseres recht heeft op een dwangsomvergoeding van โ‚ฌ 392,-.

Partijen en standpunten

  • Eiser: [eiseres]
  • Gedaagde: Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank Utrecht (SVB)

Eiseres stelt dat de SVB een ongerechtvaardigde inbreuk op haar privacy heeft gemaakt door haar bankgegevens te onderzoeken. Ze betwist de bevoegdheid van de medewerkers die het besluit hebben genomen en stelt dat de ontvangen bedragen schenkingen zijn, niet relevant voor de AIO-uitkering. Ze is van mening dat de vrijlatingsfaciliteit opnieuw moet beginnen na een maand zonder inkomsten.

De SVB stelt dat de herziening van de AIO-aanvulling terecht is omdat eiseres inkomsten heeft ontvangen en deze niet heeft gemeld, waardoor de inlichtingenplicht is geschonden. De ontvangen bedragen worden als inkomsten beschouwd, en de vrijlatingsfaciliteit is correct toegepast.

Wetsartikelen

Tijdlijn

  1. 24-12-2020 Eiseres en haar ex-partner dienden een aanvraag in voor een AIO-aanvulling bij de SVB.
  2. 06-01-2021 De SVB kende een AIO-aanvulling toe aan eiseres en haar ex-partner vanaf 3 januari 2021.
  3. 21-10-2022 De SVB vroeg informatie op bij eiseres en haar ex-partner over bankafschriften van 1 december 2020 tot en met 31 december 2021 en van 1 september 2022 tot en met 30 september 2022.
  4. 15-11-2022 Eiseres overhandigde de gevraagde bankafschriften aan de SVB.
  5. 05-04-2023 De SVB vroeg opnieuw om bankafschriften van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2022, met zichtbare omschrijvingen van bijschrijvingen.
  6. 08-04-2023 Eiseres leverde de gevraagde bankafschriften aan de SVB.
  7. 21-04-2023 De SVB vroeg om een overzicht van de PayPal-rekening van eiseres inzake ontvangen giften.
  8. 26-04-2023 Eiseres stelde dat er geen sprake was van inkomsten en stuurde een overzicht van haar PayPal-rekening mee.
  9. 25-05-2023 De SVB vroeg opnieuw om informatie over bankafschriften van 1 januari 2021 tot 30 april 2023 en om een reactie op bijschrijvingen.
  10. 02-06-2023 Eiseres reageerde door te verklaren dat haar website geen producten meer aanbiedt sinds september 2020 en dat zij geen diensten meer verleent.
  11. 13-06-2023 Eiseres leverde bankafschriften van 1 januari 2023 tot 1 juni 2023 aan de SVB.
  12. 05-07-2023 De SVB herziet de AIO-aanvulling van eiseres over de periode 1 januari 2021 tot 31 mei 2023 wegens inkomsten uit overige werkzaamheden.