Bij afwezigheid van contractueel loon, is een redelijk loon verschuldigd gebaseerd op uitgevoerde werkzaamheden en branchegebruik.
Vervolg op ECLI:NL:RBROT:2023:9285. Vaststelling redelijk loon voor het maken van het conceptontwerp van het 2410-model sleepboot. Eindvonnis.
Rechtsvraag
De centrale juridische vraag is of NVS verplicht is een redelijk loon te betalen aan IMC voor de extra werkzaamheden die hebben geleid tot het conceptontwerp van het 2410-model, gezien het ontbreken van een contractuele afspraak over de beloning.
Regel
- Artikel 7:405 lid 2 BW (Burgerlijk Wetboek) (Regeling van het loon bij ontbreken van een afspraak)
- Artikel 6:119 BW (Burgerlijk Wetboek) (Wettelijke rente bij te late betaling)
- Artikel 21 Rv (Rechtsvordering) (Waarheidsplicht in procesvoering)
Toepassing
- Artikel 7:405 lid 2 BW (Regeling van het loon bij ontbreken van een afspraak) De rechtbank heeft vastgesteld dat er geen afspraak was over de beloning voor het 2410-model, waardoor NVS op grond van artikel 7:405 lid 2 BW een redelijk loon aan IMC verschuldigd is. De rechtbank heeft overwogen dat de aard van de rechtsverhouding en de aard en omvang van de werkzaamheden in aanmerking moeten worden genomen om een redelijk loon vast te stellen. De rechtbank heeft bepaald dat de gebruikelijke wijze van loonberekening niet van toepassing is vanwege de specifieke omstandigheden en de aard van de overeenkomst tussen partijen. (r.o. 4.87-4.89)
- Artikel 6:119 BW (Wettelijke rente bij te late betaling) De rechtbank heeft geoordeeld dat over het vastgestelde bedrag van € 345.000,00 aan redelijk loon wettelijke rente verschuldigd is vanaf de datum waarop de vordering in reconventie werd ingesteld, namelijk 14 december 2022. Dit is in lijn met artikel 6:119 BW, dat bepaalt dat wettelijke rente verschuldigd is bij te late betaling. (r.o. 2.14)
- Artikel 21 Rv (Waarheidsplicht in procesvoering) De rechtbank heeft de proceskosten gecompenseerd omdat NVS artikel 21 Rv heeft geschonden, waardoor veel kosten nodeloos zijn aangewend of veroorzaakt. Dit artikel legt een plicht op aan partijen om de waarheid te zeggen en om geen onnodige proceshandelingen te verrichten. (r.o. 2.22)
Conclusie
De rechtbank heeft geconcludeerd dat NVS aan IMC een redelijk loon van € 345.000,00 moet betalen voor de ontwikkeling van het 2410-model, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 14 december 2022. De rechtbank heeft tevens verklaard dat NVS bij de tweede en iedere verdere verkoop van het 2410-model een bedrag van € 25.000,00 aan royalty’s aan IMC moet betalen. Daarnaast zijn de proceskosten gecompenseerd vanwege de schending van artikel 21 Rv door NVS.
Partijen en standpunten
- Eiser: NVS Maritime Consultancy SDN BHD
- Gedaagde: IMC Corporate Licensing B.V.
NVS vordert een verklaring voor recht dat zij de technologie en octrooirechten op het 2410-model heeft gekocht, en dat zij een exclusieve licentie heeft voor het 2409- en 2410-model.
IMC stelt dat er geen afspraak is over een bepaald loon voor het 2410-model en betwist de hoogte van het redelijk loon. IMC vordert volledige betaling voor de werkzaamheden aan het 2410-model.
Wetsartikelen
Tijdlijn
- 14-06-2018 IMC start met extra werkzaamheden in opdracht van NVS voor de ontwikkeling van het 2410-model sleepboot.
- 04-10-2023 De rechtbank heeft een tussenvonnis gewezen waarin is geoordeeld over de vorderingen I tot en met VI in conventie en reconventie, en de beoordeling van overige vorderingen is aangehouden.
- 10-11-2023 Ir. [persoon D] van NAM geeft een ureninschatting voor de werkzaamheden aan het 2410-model ten opzichte van het 2409-model.
- 03-11-2023 [persoon E] van Zicom geeft een ureninschatting voor de benodigde tijd om een conceptontwerp voor de karretjes van de 2410 te maken.
- 25-09-2024 De rechtbank wijst het eindvonnis, waarin onder andere NVS wordt veroordeeld tot betaling aan IMC van € 345.000,00 als redelijk loon voor het 2410-model.