Zaakwaarneming vereist onafhankelijk belangbehartiging zonder bestaande overeenkomst; bewijs van onrechtmatige daad vereist specifieke feiten.
Zaakwaarneming, onrechtmatige daad, bewijslevering.
Rechtsvraag
De centrale juridische vraag is of er sprake is van onbehoorlijke zaakwaarneming of het plegen van een onrechtmatige daad door Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond en/of Sint Franciscus, en of zij hierdoor aansprakelijk zijn voor de door [eiser] geleden schade.
Regel
- art. 6:198 BW (definitie zaakwaarneming)
- art. 150 Rv (bewijslastverdeling in civiele procedures)
Toepassing
- art. 6:198 BW (definitie zaakwaarneming) De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van zaakwaarneming door Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond, omdat zij een geneeskundige behandelingsovereenkomst met [eiser] hadden, waardoor het behartigen van zijn belangen hieruit voortvloeide. Dit betekent dat de vereisten voor zaakwaarneming niet zijn vervuld. In het geval van Sint Franciscus is niet vastgesteld dat de ketting aan hen is overgedragen, waardoor er geen sprake is geweest van zaakwaarneming door hen.
- art. 150 Rv (bewijslastverdeling in civiele procedures) De rechtbank stelt dat [eiser] de bewijslast heeft om aan te tonen dat de ketting in of bij het betreden van de ambulance is afgedaan of ontvreemd. Omdat Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond de bewering van [eiser] betwist, wordt [eiser] in de gelegenheid gesteld om bewijs te leveren. Als [eiser] slaagt in deze bewijslevering, moet hij ook bewijzen dat de ketting door Sint Franciscus in ontvangst is genomen na de ambulancerit.
Conclusie
De rechtbank concludeert dat er onvoldoende bewijs is om vast te stellen dat Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond of Sint Franciscus aansprakelijk zijn voor de vermeende verdwijning van de ketting van [eiser]. [eiser] dient verdere bewijsvoering te leveren om zijn stellingen te onderbouwen. De zaak wordt aangehouden in afwachting van deze bewijslevering.
Partijen en standpunten
- Eiser: [eiser]
- Gedaagde: Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond en Stichting Sint Franciscus Vlietland Groep
[Eiser] stelt dat gedaagden hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de verloren gouden ketting, gebaseerd op onbehoorlijke zaakwaarneming en onrechtmatige daad. [Eiser] eist schadevergoeding en stelt dat de ketting in de ambulance is afgedaan en niet geretourneerd.
Gedaagden betwisten de vordering, stellen dat er geen zaakwaarneming en geen onrechtmatige daad was. Zij wijzen erop dat de ketting niet aan hen is overgedragen en de ketting mogelijk eerder of later is kwijtgeraakt.
Wetsartikelen
Tijdlijn
- 28-04-2018 [eiser] werd na een incident op de Coolsingel in Rotterdam met een ambulance naar het Sint Franciscus Gasthuis gebracht.
- 29-04-2018 De heer [naam verbalisant 1] van Politie Eenheid Rotterdam onderzoekt het verlies van [eiser]'s gouden ketting, maar vindt deze niet terug. Verbalisant [naam verbalisant 2] bevestigt dat [eiser] de ketting droeg toen hij werd geholpen.
- 01-01-2021 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond neemt alle passiva, activa en activiteiten van Coöperatie Ambulancezorg Rotterdam-Rijnmond U.A. over.
- 26-11-2021 [eiser] dagvaardt Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond en Stichting Sint Franciscus Vlietland Groep, eist schadevergoeding voor verloren ketting.
- 28-03-2022 Rechtbank Rotterdam stuurt brief waarin de mondelinge behandeling is bepaald.
- 27-05-2022 De zaak wordt mondeling behandeld met de partijen en hun gemachtigden.
- 16-09-2022 De kantonrechter oordeelt dat [eiser] bewijs moet leveren dat de ketting in de ambulance is afgedaan. De zaak wordt aangehouden voor verder bewijs.