Ontbinding huurovereenkomst toegestaan bij structureel niet bewonen sociale huurwoning.
gevorderde ontbinding en ontruiming toegewezen op grond van een tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst, omdat gedaagde de woning niet als hoofdverblijf houdt.
Rechtsvraag
Moet de huurovereenkomst tussen Vestia en [gedaagde] worden ontbonden en moet [gedaagde] worden veroordeeld tot ontruiming van de woning wegens het niet houden van hoofdverblijf daar, het niet bewonen van de woning, het onthouden van medewerking bij noodzakelijke werkzaamheden en het herhaaldelijk doen ontstaan van een huurachterstand?
Regel
- Artikel 7.3, Algemene Huurvoorwaarden Vestia (Huurder zal het gehuurde gedurende de huurtijd zelf bewonen en er zijn hoofdverblijf hebben)
- Artikel 6:265 lid 1, Burgerlijk Wetboek (BW) (Iedere tekortkoming geeft de wederpartij de bevoegdheid de overeenkomst te ontbinden, tenzij de tekortkoming ontbinding niet rechtvaardigt)
- Artikel 6:74, BW (Voor schadevergoeding is vereist dat de schuldenaar in verzuim is gekomen)
Toepassing
- Artikel 7.3, Algemene Huurvoorwaarden Vestia (Huurder zal het gehuurde gedurende de huurtijd zelf bewonen en er zijn hoofdverblijf hebben) [gedaagde] heeft niet kunnen aantonen dat hij zijn hoofdverblijf had in het gehuurde. De verklaringen van buurtbewoners en andere stukken zijn niet voldoende specifiek of gedetailleerd om aan te tonen dat er sprake is van structurele bewoning door [gedaagde].
- Artikel 6:265 lid 1, Burgerlijk Wetboek (BW) (Iedere tekortkoming geeft de wederpartij de bevoegdheid de overeenkomst te ontbinden, tenzij de tekortkoming ontbinding niet rechtvaardigt) Het niet hebben van hoofdverblijf in een sociale huurwoning is een tekortkoming die ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigt, gezien het belang van Vestia om sociale huurwoningen beschikbaar te houden voor mensen die deze echt nodig hebben.
- Artikel 6:74, BW (Voor schadevergoeding is vereist dat de schuldenaar in verzuim is gekomen) [gedaagde] was niet in verzuim gesteld door Vestia voor het niet zelf bewonen van het gehuurde, waardoor er geen recht is op schadevergoeding voor misgelopen huurharmonisatie.
Conclusie
De kantonrechter heeft de huurovereenkomst ontbonden en [gedaagde] veroordeeld tot ontruiming van de woning omdat hij zijn hoofdverblijf niet in het gehuurde hield. De vordering tot schadevergoeding wegens misgelopen huurharmonisatie werd afgewezen omdat [gedaagde] niet in verzuim was gesteld. De vordering tot betaling van de huurachterstand werd toegewezen.
Partijen en standpunten
- Eiser: Stichting Vestia
- Gedaagde: [gedaagde]
Vestia eist ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming wegens tekortkomingen, waaronder het niet zelf bewonen en huurachterstand.
[gedaagde] beweert zijn hoofdverblijf in het gehuurde te hebben en dat hij tijdelijk in het buitenland verblijft voor gezondheidsredenen.
Wetsartikelen
Tijdlijn
- 27-02-1999 Partijen hebben een huurovereenkomst gesloten voor een sociale huurwoning aan de [straat-en plaatsnaam] in Rotterdam.
- 16-11-2017 [gedaagde] is bij verstek veroordeeld om Vestia tot de woning toe te laten om werkzaamheden uit te voeren.
- 05-12-2017 Vestia heeft een dagvaarding uitgebracht tegen [gedaagde] met vorderingen tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning.
- 14-12-2017 De griffier heeft aantekeningen gemaakt van het mondelinge antwoord van [gedaagde], en er is een comparitie van partijen gelast.
- 14-02-2018 Er is een comparitie van partijen gehouden en Vestia heeft een recente specificatie van de huurachterstand overgelegd.
- 28-03-2018 [gedaagde] heeft een akte bewijslevering met producties ingediend.
- 25-04-2018 Vestia heeft een conclusie na bewijslevering ingediend.
- 29-06-2018 De kantonrechter heeft vonnis gewezen. De huurovereenkomst is ontbonden en [gedaagde] moet de woning ontruimen en de huurachterstand betalen.