Vorderingen in kort geding afgewezen; eiseres veroordeeld in proceskosten.
Kort geding. Verkort vonnis. Afwijzing vorderingen.
Rechtsvraag
Moet de vordering van [eiseres] tegen de Stichting Promotie Volleyball voor Gehandicapten (WPV) worden toegewezen?
Regel
- art. 6:119 BW (Burgerlijk Wetboek) (Wettelijke rente bij vertraging in de voldoening van een geldsom)
Toepassing
- art. 6:119 BW (Burgerlijk Wetboek) (Wettelijke rente bij vertraging in de voldoening van een geldsom) De rechter heeft bepaald dat als [eiseres] de proceskosten niet binnen veertien dagen na aanschrijving voldoet, zij wettelijke rente verschuldigd is over deze kosten. Dit is in overeenstemming met art. 6:119 BW, dat stelt dat bij vertraging in de voldoening van een geldsom, de wettelijke rente verschuldigd is.
Conclusie
De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van [eiseres] af. Daarnaast wordt [eiseres] veroordeeld in de proceskosten van € 1.795,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving, met een extra betaling van € 92,00 en de kosten van betekening als zij niet tijdig voldoet aan de veroordeling. Bovendien wordt [eiseres] veroordeeld in de wettelijke rente over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen zijn voldaan. Het vonnis is wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Partijen en standpunten
- Eiser: [eiseres]
- Gedaagde: Stichting Promotie Volleyball voor Gehandicapten, tevens handelend onder de naam World Paravolley
De eiseres heeft een kort geding aangespannen tegen de gedaagde, waarbij zij bepaalde vorderingen heeft ingediend. De specifieke aard van deze vorderingen wordt niet vermeld in het verkorte vonnis.
De gedaagde heeft verweer gevoerd tegen de vorderingen van de eiseres. De specifieke argumenten van de gedaagde worden niet vermeld in het verkorte vonnis.
Tijdlijn
- 01-08-2024 De voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Holland, zittingsplaats Haarlem, wijst een verkort vonnis in kort geding. De vorderingen van de eiseres, woonachtig in Slovenië, worden afgewezen. De eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten van € 1.795,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving. Als de eiseres niet tijdig betaalt en het vonnis daarna wordt betekend, moet zij € 92,00 extra betalen, plus de kosten van betekening. Daarnaast wordt de eiseres veroordeeld in de wettelijke rente over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan. Het vonnis is wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. De uitspraak is gedaan door mr. P.M. Wamsteker en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier mr. A. de Bert.