Schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid kan leiden tot betalingsverplichting.
Deze zaak gaat over de vraag of een bestuurder van een vennootschap opdracht heeft gegeven voor de door een aannemer verrichte werkzaamheden. Ook als degene die de opdracht heeft gegeven voor deze werkzaamheden niet bevoegd was een rechtshandeling in naam van de vennootschap te verrichten kan een overeenkomst tussen partijen tot stand zijn gekomen in het geval van schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid die aan de vennootschap kan worden toegerekend. Daarvan is hier sprake. Daarom is de vennootschap gehouden tot betaling voor de door de aannemer verrichte werkzaamheden.
Rechtsvraag
Heeft Waerdse Heeren B.V. de opdracht gegeven voor de door [eiser 1] verrichte werkzaamheden en is zij daarom gehouden tot betaling van de facturen?
Regel
- art. 3:61 lid 2, Burgerlijk Wetboek (schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid)
- art. 6:119a lid 3, Burgerlijk Wetboek (wettelijke handelsrente)
- art. 6:203, Burgerlijk Wetboek (ongerechtvaardigde verrijking)
Toepassing
- art. 3:61 lid 2, Burgerlijk Wetboek (schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid) De kantonrechter oordeelt dat [eiser 1] gerechtvaardigd mocht vertrouwen op de vertegenwoordigingsbevoegdheid van [naam 2] namens Waerdse Heeren. Dit vertrouwen is gebaseerd op het langdurige contact tussen [eiser 1], [eiser 2] en [naam 2], de betaling van eerdere facturen door Waerdse Heeren, en de aanwezigheid van de door [eiser 1] gemonteerde zonnepanelen op de Facebook-pagina van Waerdse Heeren. Bovendien heeft [naam 2] tijdens de zitting bevestigd dat hij voor Waerdse Heeren werkt en dat hij vanwege een persoonlijk faillissement via Waerdse Heeren factureerde. Deze feiten en omstandigheden, die voor risico van Waerdse Heeren komen, rechtvaardigen het vertrouwen van [eiser 1].
- art. 6:119a lid 3, Burgerlijk Wetboek (wettelijke handelsrente) De kantonrechter oordeelt dat de gevorderde wettelijke handelsrente toewijsbaar is, omdat de vordering van [eiser 1] bestaat uit onbetaalde facturen voor verrichte werkzaamheden. De wettelijke handelsrente wordt toegewezen vanaf 14 oktober 2023 over de hoofdsom van € 9.651,00.
- art. 6:203, Burgerlijk Wetboek (ongerechtvaardigde verrijking) Hoewel [eiser 1] subsidiair ongerechtvaardigde verrijking heeft aangevoerd, komt de kantonrechter hier niet aan toe omdat de primaire grondslag (opdracht en schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid) wordt gehonoreerd.
Conclusie
De kantonrechter veroordeelt Waerdse Heeren B.V. tot betaling van € 9.941,19 aan [eiser 1], te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 14 oktober 2023. Daarnaast wordt Waerdse Heeren veroordeeld tot betaling van de proceskosten van € 2.244,22. Voor [eiser 2] wordt Waerdse Heeren veroordeeld tot betaling van € 690,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 december 2023, en de proceskosten van € 514,22.
Partijen en standpunten
- Eiser: [eiser 1] en [eiser 2]
- Gedaagde: Waerdse Heeren B.V.
[eiser 1] vorderde betaling van € 9.941,19 voor uitgevoerde werkzaamheden inclusief rente en advocaatkosten. [eiser 2] vorderde betaling van € 690,00 voor ten onrechte gefactureerde herstelwerkzaamheden.
Waerdse Heeren betwistte de vorderingen, stelde geen opdrachten te hebben verstrekt en voerde aan dat de werkzaamheden niet altijd netjes waren uitgevoerd.
Wetsartikelen
Tijdlijn
- 15-05-2023 [naam 2] heeft op verzoek van [eiser 2] offertes voor de aanschaf en montage van zonnepanelen verstuurd. De offertes bevatten zowel de handelsnaam als de contactgegevens van Waerdse Heeren.
- 16-05-2023 [naam 2] heeft een tweede offerte voor de aanschaf en montage van zonnepanelen verstuurd aan [eiser 2].
- 15-05-2023 [eiser 2] heeft een van de offertes geaccepteerd en de factuur voor de zonnepanelen en montage betaald aan Waerdse Heeren.
- 01-06-2023 [eiser 1] heeft per WhatsApp aan [naam 2] gevraagd waar hij de facturen naartoe kan sturen. [naam 2] heeft daarop geantwoord dat de facturen naar Waerdse Heeren kunnen worden verstuurd en heeft daarbij het adres, btw-nummer en KvK-nummer van Waerdse Heeren en het e-mailadres [emailadres] vermeld.
- 04-06-2023 [eiser 1] heeft op 4 juni 2023 een factuur per e-mail naar [emailadres] verstuurd.
- 08-06-2023 [eiser 1] heeft zonnepanelen op een adres in [plaats 4] geïnstalleerd.
- 12-06-2023 [eiser 1] heeft aanvullende werkzaamheden op het adres van [eiser 2] uitgevoerd.
- 12-06-2023 Waerdse Heeren heeft de door [eiser 1] op 4 juni 2023 verstuurde factuur betaald.
- 13-06-2023 Waerdse Heeren heeft een factuur gestuurd naar [eiser 2] van € 1.040,00 voor de aanvullende werkzaamheden.
- 13-06-2023 [eiser 2] heeft per WhatsApp aan [naam 2] bericht dat Waerdse Heeren ten onrechte herstelwerkzaamheden heeft gefactureerd. [naam 2] heeft daarop geantwoord dat hij een creditnota zal vragen en erop zal terugkomen.
- 15-06-2023 [naam 2] heeft aan [eiser 2] laten weten dat de creditnota eraan komt.
- 25-06-2023 [naam 2] heeft opnieuw aan [eiser 2] laten weten dat de creditnota eraan komt.