Zeer onvoorzichtig rijgedrag met zwaar letsel leidt tot strafrechtelijke aansprakelijkheid onder artikel 6 WVW.
Veroordeling artikel 6 WVW. Kwalificatie rijgedrag: zeer onvoorzichtig en onoplettend.Verdachte heeft als bestuurder van een personenauto een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval veroorzaakt door bij het oprijden van een kruispunt in afwijking van zijn verplichte rijrichting (naar links) rechtdoor te rijden, terwijl het verkeerslicht voor die rijrichting op rood stond. Verdachte heeft hierdoor een aanrijding met het slachtoffer โ die met zijn auto de kruising overstak terwijl zijn verkeerslicht op groen stond โ veroorzaakt. Het slachtoffer heeft als gevolg van de aanrijding zwaar lichamelijk letsel opgelopen. Strafoplegging: taakstraf 180 uren. OBM 12 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk.
Rechtsvraag
De centrale juridische kwestie is of verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het veroorzaken van een verkeersongeval aan zijn schuld te wijten, resulterend in zwaar lichamelijk letsel voor het slachtoffer, zoals omschreven in artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994.
Regel
- art. 6, Wegenverkeerswet 1994 (Schuld bij verkeersongeval met lichamelijk letsel)
- art. 78, Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (Richting volgen voorsorteerstrook)
Toepassing
- art. 6, Wegenverkeerswet 1994 (Schuld bij verkeersongeval met lichamelijk letsel) De rechtbank stelt vast dat verdachte zeer onvoorzichtig en onoplettend heeft gehandeld door met hoge snelheid te accelereren en rechtdoor te rijden terwijl het verkeerslicht op rood stond. Dit gedrag leidde tot een botsing met het slachtoffer, die groen licht had. Het slachtoffer heeft hierdoor zwaar lichamelijk letsel opgelopen. Het verkeersgedrag van verdachte wordt gekwalificeerd als zeer onvoorzichtig en onoplettend, wat ernstige schuld in de zin van artikel 6 WVW inhoudt.
- art. 78, Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (Richting volgen voorsorteerstrook) Verdachte heeft het voorsorteervak voor linksaf verlaten door rechtdoor te rijden, in strijd met artikel 78 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990. Dit droeg bij aan het veroorzaken van het ongeval, omdat verdachte niet alleen van de verplichte rijrichting afweek maar ook door rood licht reed, wat de botsing met het slachtoffer veroorzaakte.
Conclusie
De rechtbank heeft beslist dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het primair ten laste gelegde feit, namelijk het veroorzaken van een verkeersongeval aan zijn schuld te wijten, waardoor het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen. Verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 180 uur en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 12 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
Partijen en standpunten
- Eiser: Openbaar Ministerie
- Gedaagde: Verdachte
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een verkeersongeval met grove schuld waardoor zwaar lichamelijk letsel is veroorzaakt.
De raadsman bepleit integrale vrijspraak en wijst op het tijdsverloop en het ontbreken van blijvende schade bij het slachtoffer.
Wetsartikelen
Tijdlijn
- 07-06-2023 Op 7 juni 2023 vond er een verkeersongeval plaats op de kruising van de Gooyerweg en de Toerit A27 in Blaricum/Eemnes. De verdachte bestuurde een BMW en reed met hoge snelheid rechtdoor, in strijd met de rijrichting van de voorsorteerstrook en door een rood verkeerslicht, waardoor hij in botsing kwam met een Volkswagen Polo die groen licht had. Het slachtoffer, de bestuurder van de Volkswagen, liep zwaar lichamelijk letsel op, waaronder gekneusde ribben en een gescheurd middenrif.
- 20-03-2025 De zaak tegen de verdachte werd behandeld tijdens de terechtzitting op 20 maart 2025. De officier van justitie concludeerde dat het primair ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen kon worden verklaard en stelde dat het rijgedrag van de verdachte 'grove schuld' omvatte zoals bedoeld in artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994. De verdediging pleitte voor integrale vrijspraak.
- 03-04-2025 Op 3 april 2025 wees de rechtbank Midden-Nederland vonnis in de strafzaak. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich schuldig had gemaakt aan het primair ten laste gelegde feit: een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval met zwaar lichamelijk letsel. De rechtbank veroordeelde de verdachte tot een taakstraf van 180 uur en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor 12 maanden, waarvan 8 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.