Een loonsanctie kan niet worden opgelegd als de verzekeringsarts onvoldoende rekening houdt met bedrijfsartsobservaties.

Rechtbank Midden-Nederland ยท 20 april 2023 ยท Eerste aanleg - meervoudig ยท Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht

Uwv legt een loonsanctie op omdat de bedrijfsarts de werkneemster ten onrechte marginaal belastbaar heeft geacht;er zijn re-integratiekansen gemist. Het besluit wordt vernietigd omdat onvoldoende is onderbouwd dat de bedrijfsarts niet redelijk heeft geoordeeld en gehandeld.

Rechtsvraag

De centrale vraag is of het Uwv terecht heeft besloten dat eiseres het loon van de werkneemster een jaar langer moet doorbetalen omdat zij onvoldoende re-integratie-inspanningen heeft verricht.

Regel

  • Beleidsregels beoordelingskader poortwachter (Beleidsregels) (richtlijnen voor beoordeling re-integratie-inspanningen)
  • Artikel 65, Wet werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (Wet WIA) (vraag of werkgever in redelijkheid tot re-integratie-inspanningen kon komen)
  • Artikel 7:12, Algemene wet bestuursrecht (motiveringsvereiste besluiten)

Toepassing

  • Beleidsregels beoordelingskader poortwachter (Beleidsregels) (richtlijnen voor beoordeling re-integratie-inspanningen) De rechtbank oordeelt dat het Uwv onvoldoende heeft onderbouwd dat de werkneemster ten onrechte marginaal belastbaar is geacht en dat re-integratiekansen zijn gemist. De rechtbank verwijst naar de Werkwijzer poortwachter, waarin staat dat de verzekeringsarts bij de toetsing rekening moet houden met de context en observaties van de bedrijfsarts. De verzekeringsartsen hebben geen nadere informatie bij de behandelaar van de werkneemster opgevraagd en hebben onvoldoende rekening gehouden met de medische terugval van de werkneemster. De verklaring van de werkneemster als mantelzorger is onvoldoende zwaarwegend om het oordeel van de bedrijfsarts te betwisten. (Rechtsoverwegingen 15.1, 15.2, 15.3)
  • Artikel 65, Wet werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (Wet WIA) (vraag of werkgever in redelijkheid tot re-integratie-inspanningen kon komen) Het Uwv moet aannemelijk maken dat de werkgever onvoldoende re-integratie-inspanningen heeft verricht zonder deugdelijke grond. De rechtbank oordeelt dat het Uwv dit niet heeft aangetoond, omdat het oordeel van de bedrijfsarts over de marginale belastbaarheid van de werkneemster redelijk was gezien de omstandigheden en de beschikbare medische informatie. (Rechtsoverwegingen 14.1, 14.2, 15.3)
  • Artikel 7:12, Algemene wet bestuursrecht (motiveringsvereiste besluiten) De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit van het Uwv gebrekkig is gemotiveerd, omdat het Uwv niet toereikend heeft uitgelegd waarom de bedrijfsarts de werkneemster ten onrechte marginaal belastbaar zou hebben geacht en dat daardoor re-integratiekansen zijn gemist. Het besluit voldoet niet aan de vereisten van artikel 7:12 Awb. (Rechtsoverweging 16)

Conclusie

De rechtbank verklaart het beroep van eiseres gegrond en vernietigt het besluit van het Uwv vanwege een gebrekkige motivering. Het Uwv moet de re-integratie-inspanningen van eiseres opnieuw beoordelen en mag de beoordeling van de belastbaarheid van de werkneemster niet uitsluitend baseren op haar eigen verklaring.

Wetsartikelen

  • art. 65 Wet WIA

Tijdlijn

  1. 29-01-2019 De werkneemster is uitgevallen vanwege medische klachten en eiseres start een re-integratietraject.
  2. 02-2020 Een belastbaarheidsonderzoek wordt uitgevoerd, waarna de werkneemster marginaal belastbaar wordt geacht.
  3. 04-2020 Het re-integratietraject wordt tijdelijk stopgezet om verergering van het ziektebeeld van de werkneemster te voorkomen.
  4. 29-04-2020 Eiseres vraagt een deskundigenoordeel aan bij het Uwv over de re-integratie inspanningen en de beoordeling van de bedrijfsarts.
  5. 03-06-2020 De arbeidsdeskundige van het Uwv concludeert dat de re-integratie-inspanningen van eiseres toereikend zijn over de periode 29 januari 2019 tot 29 april 2020.
  6. 14-09-2020 De bedrijfsarts acht de werkneemster weer volledig belastbaar voor werk.
  7. 22-01-2021 Het Uwv besluit dat eiseres niet aan haar re-integratieverplichtingen heeft voldaan en legt een loonsanctie op.
  8. 21-10-2021 Het Uwv verklaart het bezwaar van eiseres tegen het primaire besluit ongegrond.
  9. 03-04-2023 De rechtbank verklaart het beroep van eiseres gegrond en vernietigt het besluit van 21 oktober 2021. Het Uwv moet de re-integratie-inspanningen opnieuw beoordelen en het griffierecht en proceskosten aan eiseres vergoeden.