Een arts in loondienst heeft geen bewaarplicht voor patiëntendossiers; bewaarplicht rust op de instelling.
Eiser vordert dat aan hem kopieën worden verstrekt van de dossiers van alle patiënten die hij in het verleden als medisch specialist heeft behandeld bij het ziekenhuis. Het ziekenhuis verkeert in staat van faillissement. De arts die als beroepsbeoefenaar zelfstandig de praktijk in het ziekenhuis uitoefent, is hulpverlener als bedoeld in artikel 7:454 BW. Vanwege de op hem rustende wettelijke bewaarplicht heeft de hulpverlener in beginsel recht op kopieën van de patiëntendossiers. In de bijzondere omstandigheden van dit geval, is de rechtbank van oordeel dat de arts in de verhouding tussen hem en de curatoren van het failliete ziekenhuis niet zonder meer recht heeft op kopieën van alle patiëntendossiers. De vordering wordt afgewezen.
Rechtsvraag
Heeft [eiser], de reumatoloog die eerder zowel als vrijgevestigd specialist als in loondienst werkte bij het failliete [ziekenhuis], recht op digitale kopieën van de patiëntendossiers van alle patiënten die hij heeft behandeld tijdens zijn dienstverband?
Regel
- art. 7:446 BW (Definitie van hulpverlener)
- art. 7:454 BW (Verplichting tot het inrichten en bewaren van patiëntendossiers)
- art. 7:456 BW (Recht op inzage en afschrift van het patiëntendossier)
- art. 9 AVG (Verbod op verwerking van bijzondere persoonsgegevens, tenzij een ontheffingsgrond aanwezig is)
- art. 30.3.a UAVG (Ontheffing voor zorgverleners om patiëntgegevens te verwerken)
- art. 30.4 UAVG (Verwerking van patiëntgegevens door personen met geheimhoudingsplicht)
Toepassing
- art. 7:446 BW (Definitie van hulpverlener) Volgens art. 7:446 BW is een hulpverlener gedefinieerd als een natuurlijk persoon of rechtspersoon die geneeskundige handelingen verricht in de uitoefening van een geneeskundig beroep of bedrijf. De rechtbank oordeelde dat [eiser] tijdens zijn loondienstperiode niet als hulpverlener kan worden beschouwd, omdat hij in dienst van het [ziekenhuis] werkte en de behandelingscontracten met de patiënten door het ziekenhuis werden gesloten. Echter, in de vrijgevestigde periode was [eiser] wel hulpverlener, omdat hij zelfstandig werkzaam was.
- art. 7:454 BW (Verplichting tot het inrichten en bewaren van patiëntendossiers) Artikel 7:454 BW verplicht de hulpverlener om patiëntendossiers in te richten en te bewaren voor ten minste twintig jaar. De rechtbank stelde dat deze verplichting niet op [eiser] rustte tijdens zijn loondienstperiode, omdat hij toen geen hulpverlener was. Voor de vrijgevestigde periode gold deze bewaarplicht wel voor [eiser].
- art. 7:456 BW (Recht op inzage en afschrift van het patiëntendossier) Artikel 7:456 BW bepaalt dat de hulpverlener op verzoek van de patiënt inzage of een afschrift van het dossier moet verstrekken. De rechtbank stelde dat deze verplichting niet van toepassing is op [eiser] tijdens zijn loondienstperiode, maar wel in de vrijgevestigde periode. Echter, vanwege de praktische en wettelijke beperkingen in het kader van het faillissement, werd geoordeeld dat [eiser] geen recht heeft op kopieën van de dossiers.
- art. 9 AVG (Verbod op verwerking van bijzondere persoonsgegevens, tenzij een ontheffingsgrond aanwezig is) De AVG verbiedt de verwerking van bijzondere persoonsgegevens, tenzij een ontheffingsgrond aanwezig is. De rechtbank oordeelde dat de curatoren, als verwerkingsverantwoordelijken, en St Jansdal, als verwerker, voldoen aan de AVG door de patiëntendossiers te bewaren en te verwerken volgens de wettelijke vereisten.
- art. 30.3.a UAVG (Ontheffing voor zorgverleners om patiëntgegevens te verwerken) Artikel 30.3.a UAVG staat zorgverleners toe om patiëntgegevens te verwerken voor een goede behandeling of verzorging van de patiënt. De rechtbank stelde dat St Jansdal deze gegevens mag verwerken op instructie van de curatoren en niet voor eigen doeleinden, wat in lijn is met de UAVG.
- art. 30.4 UAVG (Verwerking van patiëntgegevens door personen met geheimhoudingsplicht) Artikel 30.4 UAVG bepaalt dat patiëntgegevens alleen mogen worden verwerkt door personen met een geheimhoudingsplicht. De rechtbank stelde dat de huidige bewaring en verwerking van de dossiers door St Jansdal en de curatoren voldoet aan deze eis.
Conclusie
De rechtbank oordeelde dat [eiser] geen recht heeft op digitale kopieën van de patiëntendossiers van patiënten die hij behandelde tijdens zijn loondienstperiode bij het [ziekenhuis], aangezien hij toen geen hulpverlener was volgens de Wgbo. Voor de vrijgevestigde periode, waarin hij wel als hulpverlener werd beschouwd, werd zijn verzoek ook afgewezen vanwege de praktische en wettelijke beperkingen in het kader van het faillissement. De vorderingen van [eiser] werden derhalve afgewezen en hij werd veroordeeld tot het betalen van de proceskosten.
Partijen en standpunten
- Eiser: [eiser]
- Gedaagde: Frank Nowee en Alice van der Schee in hun hoedanigheid als curatoren in het faillissement van [ziekenhuis] BV
[eiser] vordert primair dat de rechtbank St Jansdal opdracht geeft om digitale kopieën te verstrekken van de reumatologiedossiers van alle patiënten die hij in het [ziekenhuis] heeft behandeld in de periode van 21 september 2009 tot 1 maart 2019. Subsidiair vordert hij de kopieën van deze patiëntendossiers over de vrijgevestigde periode van 21 september 2009 tot 1 januari 2012. [eiser] stelt dat hij moet voldoen aan zijn plicht de dossiers van de patiënten die hij heeft behandeld te bewaren gedurende een in de wet bepaalde termijn.
De curatoren hebben aangevoerd dat zij niet verplicht zijn om de gevraagde kopieën van de patiëntendossiers aan [eiser] te verstrekken. Zij stellen dat de bewaarplicht van de patiëntendossiers bij het [ziekenhuis] ligt, niet bij [eiser], vooral gezien zijn loondienstperiode. Daarnaast hebben zij maatregelen getroffen om te voldoen aan de bewaarplicht door de dossiers door St Jansdal te laten bewaren.
Wetsartikelen
- art. 7:7:454 BW
- art. 6:6:119 BW
- art. 7:7:446 BW
- art. 7:7:456 BW
- art. 9.1 AVG
- art. 9.2 AVG
Tijdlijn
- 21-09-2009 [eiser] begon zijn werkzaamheden als reumatoloog bij [ziekenhuis], eerst als vrijgevestigd specialist in maatschapsverband.
- 01-01-2012 De vrijgevestigde periode van [eiser] eindigt, waarin hij als zelfstandig specialist werkte.
- 01-03-2012 [eiser] begint te werken op basis van een arbeidsovereenkomst met [ziekenhuis].
- 25-10-2018 [ziekenhuis] wordt failliet verklaard en de curatoren Nowee en Van der Schee worden aangesteld om de boedel te beheren en vereffenen.
- 01-03-2019 In het kader van de doorstart van [ziekenhuis] worden alle activa en de bedrijfsvoering overgedragen aan Ziekenhuis St Jansdal. St Jansdal wordt overeengekomen om patiëntendossiers te bewaren.
- 01-03-2019 [eiser] begint te werken als reumatoloog bij Stichting [stichting].
- 13-02-2020 Mondelinge behandeling van de zaak vond plaats, waarbij [eiser] en zijn advocaat mr. Stollenwerck aanwezig waren, evenals de curatoren en hun advocaat mr. Van Schelven.
- 26-03-2020 De rechtbank wijst de vorderingen van [eiser] af en veroordeelt hem in de proceskosten.