Een concept-testament zonder notariële ondertekening is nietig; geen natuurlijke verbintenis zonder dringende morele verplichting.

Rechtbank Gelderland · 6 maart 2024 · Eerste aanleg - meervoudig · Civiel recht

Concept-testament; vormvereisten artikel 4:94 en 4:109 lid 1 BW; natuurlijke verbintenis

Rechtsvraag

Kan de eisende partij worden aangemerkt als enig erfgenaam van erflaatster ondanks het ontbreken van een ondertekend testament, of is er sprake van een natuurlijke verbintenis die is omgezet in een rechtens afdwingbare verbintenis?

Regel

  • art. 4:1 BW (Uiterste wilsbeschikking kan alleen bij notariële akte of onderhandse akte in bewaring gegeven aan notaris)
  • art. 4:42 lid 1 BW (Uiterste wilsbeschikking is een eenzijdige rechtshandeling)
  • art. 3:33 BW (Rechtshandeling vereist op rechtsgevolg gerichte wil)
  • art. 3:37 lid 1 BW (Verklaring is vormvrij tenzij anders bepaald)
  • art. 3:39 BW (Niet in voorgeschreven vorm verrichte rechtshandeling is nietig)
  • art. 4:94 BW (Uiterste wil moet in notariële akte of onderhandse akte zijn vastgelegd)
  • art. 4:109 lid 1 BW (Uiterste wilsbeschikking nietig als akte niet is ondertekend)
  • art. 6:3 lid 2 aanhef en onder b BW (Natuurlijke verbintenis vereist dringende morele verplichting)

Toepassing

  • art. 4:1 BW (Uiterste wilsbeschikking kan alleen bij notariële akte of onderhandse akte in bewaring gegeven aan notaris) De rechtbank stelt vast dat er geen notariële akte of onderhandse akte in bewaring gegeven aan een notaris is, aangezien het testament niet is ondertekend door erflaatster. De wettelijke vormvereisten zijn dus niet vervuld. [Rechtsoverweging 4.2, 4.7]
  • art. 4:42 lid 1 BW (Uiterste wilsbeschikking is een eenzijdige rechtshandeling) Er is geen eenzijdige rechtshandeling in de vorm van een uiterste wil uitgevoerd, omdat het concept-testament niet is ondertekend. [Rechtsoverweging 4.6, 4.8]
  • art. 3:33 BW (Rechtshandeling vereist op rechtsgevolg gerichte wil) Hoewel er een concept-testament was, is er geen rechtsgevolg gerichte wil geopenbaard door erflaatster door middel van een ondertekende verklaring. [Rechtsoverweging 4.6, 4.8]
  • art. 3:37 lid 1 BW (Verklaring is vormvrij tenzij anders bepaald) De verklaring voor de uiterste wilsbeschikking is niet vormvrij en vereist een notariële akte of onderhandse akte, die ontbreekt in dit geval. [Rechtsoverweging 4.2, 4.7]
  • art. 3:39 BW (Niet in voorgeschreven vorm verrichte rechtshandeling is nietig) Aangezien de uiterste wil niet in de voorgeschreven vorm is verricht, is deze nietig. [Rechtsoverweging 4.7, 4.9]
  • art. 4:94 BW (Uiterste wil moet in notariële akte of onderhandse akte zijn vastgelegd) Er is geen uiterste wil vastgelegd in een notariële akte of onderhandse akte, waardoor de uiterste wil niet rechtsgeldig is. [Rechtsoverweging 4.7, 4.9]

Conclusie

De rechtbank concludeert dat de eisende partij niet als enig erfgenaam van erflaatster kan worden aangemerkt vanwege het ontbreken van een rechtsgeldig testament. Ook is er geen sprake van een natuurlijke verbintenis die is omgezet in een rechtens afdwingbare verbintenis. De vorderingen van de eisende partij worden afgewezen.

Partijen en standpunten

  • Eiser: [eisende partij]
  • Gedaagde: [gedaagde partij]

De eiser vordert primair een verklaring dat zij de enige erfgenaam is, subsidiair dat het concept-testament als wettig testament geldt, en meer subsidiair dat sprake is van een natuurlijke verbintenis die is omgezet in een rechtens afdwingbare vordering.

De gedaagde betwist de geldigheid van het concept-testament als testament en betwist dat sprake is van een natuurlijke verbintenis of een omzetting in een rechtens afdwingbare verbintenis.

Wetsartikelen

Tijdlijn

  1. [datum+plaats] Mevrouw [erflaatster 2] is overleden. [gedaagde partij] is benoemd als vereffenaar in haar nalatenschap op verzoek van een schuldeiser.
  2. [datum] [eisende partij] heeft een langdurige affectieve relatie gehad met erflaatster.
  3. 2020 Erflaatster is ziek geworden en [eisende partij] heeft haar verzorgd.
  4. 07-05-2021 [eisende partij] en erflaatster zijn in ondertrouw gegaan.
  5. 12-05-2021 Kandidaat-notaris [naam 1] te Zevenaar heeft een concept-testament voor erflaatster opgesteld, waarin [eisende partij] als enig erfgenaam is opgenomen.
  6. 21-07-2021 De notaris ging op verzoek van [eisende partij] met spoed naar de woning van erflaatster, maar erflaatster was al overleden bij aankomst.
  7. 11-10-2023 De rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, heeft een tussenvonnis gewezen.
  8. 01-02-2024 Er vond een mondelinge behandeling plaats en een proces-verbaal werd opgemaakt.
  9. 06-03-2024 De rechtbank heeft vonnis gewezen, waarbij de vorderingen van [eisende partij] zijn afgewezen en de proceskosten zijn gecompenseerd.