Een akkoord kan worden gehomologeerd indien nakoming gewaarborgd is en het akkoord marktconform is.

Rechtbank Amsterdam ยท 3 november 2021 ยท Eerste aanleg - meervoudig ยท Civiel recht; Insolventierecht

WHOA, beslissing op het verzoek tot homologatie van een akkoord ex artikel 383 Fw en op het verzoek tot afwijzing van een akkoord ex artikelen 383 lid 8 Fw en 384 lid 2, 3 en 4 Fw, beslissing op het verzoek ex artikel 371 lid 13 Fw

Rechtsvraag

De centrale juridische vraag is of het verzoek tot homologatie van het akkoord van [schuldenares] door de rechtbank moet worden toegewezen, ondanks het verzet van [schuldeiser 2] en andere schuldeisers.

Regel

  • art. 383 Fw (Faillissementswet) (Verzoek tot homologatie van een akkoord)
  • art. 384 lid 2 Fw (Faillissementswet) (Afwijzingsgronden voor homologatie van een akkoord)
  • art. 384 lid 3 Fw (Faillissementswet) (Best interest of creditors test)
  • art. 384 lid 4 Fw (Faillissementswet) (Verdere afwijzingsgronden voor homologatie van een akkoord)

Toepassing

  • art. 383 Fw (Faillissementswet) (Verzoek tot homologatie van een akkoord) De herstructureringsdeskundige heeft een akkoord aangeboden dat voorziet in volledige betaling van de schuldeisers, met een marktconforme compensatie voor vertraging. De herstructureringsdeskundige heeft onafhankelijke en onpartijdige partijen betrokken bij het opstellen van het akkoord, waardoor het proces als eerlijk en transparant wordt beschouwd.
  • art. 384 lid 2 Fw (Faillissementswet) (Afwijzingsgronden voor homologatie van een akkoord) De rechtbank heeft beoordeeld dat er geen sprake is van de afwijzingsgronden zoals genoemd in art. 384 lid 2 Fw. Er is voldaan aan de oproepingsvereisten, er zijn geen gebreken in de informatieverschaffing, en nakoming van het akkoord is voldoende gewaarborgd. De stellingen van [schuldeiser 2] over onjuiste informatie en onvoldoende waarborging zijn weerlegd.
  • art. 384 lid 3 Fw (Faillissementswet) (Best interest of creditors test) De rechtbank heeft vastgesteld dat de schuldeisers, waaronder [schuldeiser 2], onder het akkoord niet slechter af zijn dan bij vereffening in faillissement. De reorganisatiewaarde van de onderneming overstijgt de schulden, waardoor de schuldeisers recht hebben op volledige betaling.
  • art. 384 lid 4 Fw (Faillissementswet) (Verdere afwijzingsgronden voor homologatie van een akkoord) Er is geen sprake van afwijking van de prioriteitsregel of andere aanvullende afwijzingsgronden. De aangeboden rente is marktconform en er is geen afwijking van de prioriteitsregel, aangezien alle schuldeisers onder het akkoord volledige vergoeding ontvangen.

Conclusie

De rechtbank wijst het verzoek van [schuldeiser 2] tot afwijzing van het homologatieverzoek af en homologeert het door de herstructureringsdeskundige aangeboden akkoord. De aanvraag van de herstructureringsdeskundige om zijn aanwijzing voor vijf jaar voort te zetten, wordt toegewezen.

Partijen en standpunten

  • Eiser: [Herstructureringsdeskundige]
  • Gedaagde: [Schuldeiser 2] c.s.

De herstructureringsdeskundige verzoekt homologatie van het akkoord voor schuldenares en haar groepsmaatschappijen. Het akkoord voorziet in volledige voldoening van schuldeisers met compensatie voor uitstel van betalingen.

Schuldeiser 2 verzet zich tegen homologatie, stelt dat het akkoord niet marktconform is en onvoldoende zekerheid biedt voor nakoming.

Wetsartikelen

  • art. 383 Fw
  • art. 378 Fw
  • art. 375 Fw
  • art. 384 lid 2 Fw
  • art. 371 lid 13 Fw
  • art. 376 Fw
  • art. 2:2:24b BW
  • art. 374 Fw
  • art. 384 lid 4 Fw
  • art. 3:3:13 BW
  • art. 383 lid 8 Fw
  • art. 370 lid 3 Fw
  • art. 382 Fw
  • art. 383 lid 5 Fw
  • art. 370 lid 1 Fw
  • art. 371 Fw
  • art. 384 lid 3 Fw
  • art. 3 Rv
  • art. 378 lid 9 Fw
  • art. 379 Fw
  • art. 384 lid 1 Fw
  • art. 381 lid 1 Fw

Tijdlijn

  1. 11-01-2021 [schuldenares] heeft een verklaring ex artikel 370 lid 3 Fw ter griffie gedeponeerd.
  2. 28-01-2021 [schuldenares] verzoekt een afkoelingsperiode ex artikel 376 Fw voor vier maanden.
  3. 15-02-2021 De rechtbank kondigt een afkoelingsperiode van twee maanden af.
  4. 25-03-2021 De rechtbank bepaalt dat een herstructureringsdeskundige wordt aangewezen en verlengt de afkoelingsperiode tot 25 mei 2021.
  5. 29-03-2021 De heer [naam 14] wordt als herstructureringsdeskundige benoemd.
  6. 01-06-2021 De rechtbank verlengt de afkoelingsperiode met drie maanden tot 25 augustus 2021.
  7. 05-08-2021 De rechtbank doet uitspraak over aspecten die van belang zijn voor het tot stand brengen van een akkoord.
  8. 24-08-2021 De rechtbank verlengt de afkoelingsperiode tot 15 oktober 2021.
  9. 02-09-2021 De rechtbank doet uitspraak op het tweede verzoek van de herstructureringsdeskundige over het akkoord.
  10. 27-09-2021 De herstructureringsdeskundige deponeert het stemverslag ex artikel 382 Fw ter griffie.
  11. 28-09-2021 Verzoek tot homologatie van een akkoord inclusief bijlagen ex artikel 383 Fw ingediend.
  12. 29-09-2021 De rechtbank bepaalt dat het verzoekschrift tot homologatie op 6 oktober 2021 zal worden behandeld.