Rechthebbende op derdengeldsaldo is degene ten behoeve van wie is geïncasseerd, niet de formele contractspartij.
Verbintenissenrecht. Rechthebbende op bedrag aan geïncasseerde vorderingen van het CJIB op kwaliteitsrekening van failliet verklaard deurwaarderskantoor; maatstaf rechthebbende in zin van art. 19 Gdw.
Partijen en standpunten
- Eiser: R. Le Grand q.q. en Rexwinkel B.V.
Wetsartikelen
- art. 7:7:414 BW
- art. 3:3:110 BW
- art. 6:6:37 BW
- art. 6:6:248 BW
- art. 3:3:277 BW
- art. 3:3:276 BW
- art. 353 lid 1 Rv
- art. 225 lid 1 Rv
- art. 438 lid 5 Rv
Tijdlijn
- 15-05-2017 [A] sloot een samenwerkingsovereenkomst met enkele andere deurwaardersvennootschappen. Ter uitvoering daarvan werd Eendracht Gerechtsdeurwaarders & Credit Management B.V. opgericht.
- 00-00-0000 [08-2017] [A], Eendracht en de indirect bestuurder van [A], [betrokkene 1], kwamen overeen dat [A] contractspartij bleef bij de bestaande overeenkomsten, waaronder de overeenkomst met het CJIB, terwijl de feitelijke incassowerkzaamheden aan Eendracht werden overgedragen. De exacte datum van deze overeenkomst blijkt niet met zekerheid uit de stukken.
- 00-00-0000 [2017-2020] Op grond van de overeenkomst met het CJIB incasseerde [A] vorderingen van debiteuren van het CJIB. De geïnde bedragen werden op de kwaliteitsrekening van [A] gestort en, na aftrek van loon en kosten en met instemming van het CJIB, overgeboekt naar een gewone bankrekening op naam van [A], zodat het CJIB deze bedragen via automatische incasso kon ontvangen. Nadat de incassoactiviteiten feitelijk door Eendracht werden verricht, werden de voor het CJIB geïnde gelden op de kwaliteitsrekening van Eendracht ontvangen en daarna overgeboekt naar de gewone bankrekening van [A].
- 07-07-2020 Eendracht werd in staat van faillissement verklaard. Mr. R. Le Grand werd benoemd tot curator. Op de kwaliteitsrekening van Eendracht stond toen € 418.750,64 aan voor het CJIB geïncasseerde gelden, na aftrek van kosten en loon. Tevens werd een waarnemend gerechtsdeurwaarder benoemd die bij uitsluiting bevoegd was over die kwaliteitsrekening te beschikken.
- 10-07-2020 Het CJIB zegde de incassosamenwerking met [A] en Eendracht op dan wel ontbond deze, en verzocht om afdracht van de nog aan het CJIB verschuldigde bedragen. De curator en [A] gaven daaraan voorafgaand geen gevolg.
- 01-09-2020 Het CJIB herhaalde zijn verzoek aan [A] en de curator om de nog verschuldigde bedragen af te dragen. Ook op deze brief volgde geen afdracht voorafgaand aan de procedure in eerste aanleg.
- 20-07-2021 Het CJIB dagvaardde de curator en [A] voor de rechtbank Rotterdam. Het CJIB vorderde onder meer een verklaring voor recht dat het rechthebbende is op het saldo van € 418.750,64 op de kwaliteitsrekening van Eendracht en een veroordeling tot medewerking aan uitkering daarvan door de waarnemend gerechtsdeurwaarder.
- 06-10-2021 De curator diende een conclusie van antwoord in en voerde verweer tegen de vorderingen van het CJIB.
- 09-02-2022 De rechtbank Rotterdam wees vonnis. De vorderingen van het CJIB werden toegewezen en de reconventionele vordering van [A] werd afgewezen. De rechtbank oordeelde dat het CJIB rechthebbende is op het saldo van € 418.750,64.
- 09-05-2022 Zowel de curator als [A] stelden afzonderlijk hoger beroep in tegen het vonnis van de rechtbank.
- 08-06-2022 [A] werd in staat van faillissement verklaard. Mr. E. van Gruijthuijsen werd benoemd tot curator in dat faillissement.
- 04-10-2022 De curator en [A] dienden gezamenlijk een memorie van grieven in. Daarin werd onder meer vermeld dat Rexwinkel B.V., als eerste pandhouder op de vermeende vorderingen van [A], de procespositie van [A] zou overnemen.