Ernstige schending van art. 21 Rv kan herstel in hoger beroep uitsluiten.
Procesrecht. Schending waarheidsplicht (art. 21 Rv) door eisers tijdens geding in eerste aanleg. Rechtbank wijst daarom vorderingen af. Herstelfunctie hoger beroep; lichtere sanctie aangewezen?
Partijen en standpunten
- Eiser: [eiser 1] en [eiseres 2]
Wetsartikelen
- art. 21 Rv
- art. 111 lid 3 Rv
- art. 165 lid 1 Rv
Tijdlijn
- 01-01-2007 [eisers] is eigenaar van een perceel met een bedrijfsloods te [plaats] en verhuurt de daarin aanwezige bedrijfsruimten aan meerdere particulieren voor opslag. In hetzelfde jaar sluit [eisers], met bemiddeling van [verweerder] als assurantietussenpersoon, ten behoeve van de loods een brandverzekering bij ASR.
- 01-01-2007 [verweerder] verzorgt al circa twaalf jaar alle verzekeringen van [eisers], zowel zakelijk als priv茅. De feitelijke werkzaamheden worden mede verricht door [betrokkene 1], werkzaam voor [verweerder].
- 01-01-2014 Na een preventiebezoek eist ASR aanpassing van de technische installatie van de loods als preventiemaatregel. [eisers] besluit die aanpassingen niet uit te voeren. ASR zegt daarop de verzekering bij brief van 6 februari 2014 per 1 juni 2014 op. Exacte datum van het preventiebezoek is in de uitspraak niet vermeld; alleen het jaar 2014 is genoemd.
- 24-04-2014 [eisers] vult samen met [betrokkene 1] een aanvraagformulier in voor een nieuwe opstalverzekering bij Aegon. Op de vraag of ooit een verzekering is geweigerd of opgezegd, wordt ontkennend geantwoord.
- 01-06-2014 Met advies en bemiddeling van [verweerder] sluit [eisers] per deze datum bij Aegon een opstalverzekering voor de loods, onder meer tegen brand-, bedrijfsschade- en milieuschade. De verzekering komt tot stand op basis van het hiervoor ingevulde aanvraagformulier.
- 03-06-2014 De politie ontmantelt in de loods een hennepkwekerij. [eiser 1] stuurt diezelfde dag per e-mail aan familie, vrienden, buren en kennissen bericht dat in de loods een hennepkwekerij is ontdekt; [betrokkene 1] ontvangt dit bericht ook. In de afwijzingsbrief van Aegon wordt vermeld dat [eiser 1] als verdachte is aangehouden.
- 27-08-2014 In de nacht van 27 augustus 2014 brandt de bedrijfsloods volledig af. [eisers] dient onder de Aegon-verzekering een claim in voor de brandschade.
- 09-10-2014 Aegon bericht [eisers] bij brief dat geen recht op uitkering bestaat en be毛indigt de verzekering met onmiddellijke ingang. Aegon noemt onder meer: onduidelijkheid over de oorzaak van de brand; de eerdere opzegging door ASR en het niet melden daarvan; het niet voldoen aan clausule 2386 inzake de elektrische installatie; de ontmanteling van de hennepkwekerij; en tegenstrijdige verklaringen van [eiser 1] over zijn betrokkenheid en financi毛le problemen. Aegon stelt dat zij bij kennis van deze omstandigheden de verzekering niet zou hebben gesloten.
- 03-02-2015 [eisers] dagvaardt [verweerder] in eerste aanleg en vordert een verklaring voor recht dat [verweerder] toerekenbaar tekort is geschoten in zijn zorgplicht als assurantietussenpersoon, alsmede veroordeling tot vergoeding van alle schade op te maken bij staat, vermeerderd met rente en kosten.
- 29-10-2015 Er vindt een comparitie van partijen plaats in eerste aanleg. [verweerder] voert verweer tegen de vorderingen van [eisers].
- 03-02-2016 De rechtbank wijst een tussenvonnis waarin zij oordeelt dat [verweerder] zijn zorgplicht jegens [eisers] heeft geschonden door te adviseren de verzekering bij Aegon te sluiten en het aanvraagformulier zo in te vullen. [eisers] krijgt bewijsopdracht om feiten te bewijzen waaruit volgt dat hij de loods elders tegen brandschade had kunnen verzekeren als hij had gemeld dat ASR de verzekering had be毛indigd wegens een hennepkwekerij in het object.
- 02-03-2016 [eisers] neemt een akte en overlegt producties, waaronder een door Rialto uitgebrachte offerte van 18 februari 2016. [verweerder] reageert later per akte van 4 mei 2016 met producties; [eisers] neemt vervolgens op 18 mei 2016 nog een akte met een productie.