Bewijslastomkering bij schenking blijft gelden, tenzij gemotiveerd en deugdelijk onderbouwd anders.

Parket bij de Hoge Raad · 10 maart 2020 · Civiel recht

Verbintenissenrecht. Zijn schenkingen tot stand gekomen door misbruik van omstandigheden (art. 3:44 lid 4 BW)? Afwijking van hoofdregel van bewijslastverdeling bij beroep van schenker op misbruik van omstandigheden (art. 7:176 BW)? Verzuim om grief te behandelen.

Partijen en standpunten

  • Eiser: [eiser] q.q.

Wetsartikelen

  • art. 7:7:176 BW
  • art. 3:3:44 lid 4 BW
  • art. 3:3:44 BW
  • art. 3:3:32 BW
  • art. 150 Rv
  • art. 230 lid 1 Rv
  • art. 3:3:44 lid 5 BW

Tijdlijn

  1. 01-08-1940 De vader wordt geboren en later weduwnaar.
  2. 01-01-1994 Na het overlijden van zijn echtgenote wordt de vader weduwnaar. Hij blijft zijn financiële zaken zoveel mogelijk zelf bepalen, ondanks weinig financieel inzicht en meerdere schulden.
  3. 01-01-1998 De jongste zoon en diens partner trekken zeer nauw met de vader op en gaan met hem samenleven in een drie-eenheid in Den Haag en Frankrijk. Zij verlenen hem zorg, helpen bij medische problemen en verrichten deels zijn financiële administratie.
  4. 01-01-2002 De jongste zoon en diens partner kopen uit privévermogen een vervallen landhuis in Pardaillan, Frankrijk, dat zij gaan renoveren en gebruiken als tweede woning.
  5. 01-08-2004 De vader ondertekent op initiatief van de jongste zoon en diens partner een onderhandse schuldbekentenis voor een rentedragende geldlening van € 108.000.
  6. 20-06-2006 De vader ondertekent een tweede onderhandse schuldbekentenis voor een rentedragende geldlening van € 1.500.
  7. 24-06-2006 De vader ondertekent een derde onderhandse schuldbekentenis voor een rentedragende geldlening van € 11.185,50, waarvan de oorsprong teruggaat tot een bedrag uit 1994.
  8. 15-09-2006 De vader ondertekent een notariële schuldbekentenis voor een rentedragende geldlening van € 118.000.
  9. 01-01-2007 Na gezamenlijk overleg tussen de beide zonen wordt bij de sector kanton van de rechtbank Den Haag een verzoek tot onderbewindstelling van het vermogen van de vader ingediend. Kort voor de mondelinge behandeling wordt dit verzoek om praktische redenen ingetrokken.
  10. 01-03-2008 De vader en de jongste zoon en diens partner vernemen dat een vermogende tante van de vader in Zwitserland is overleden en dat de vader een groot legaat uit Gstaad zal ontvangen. De vader heeft dan geen relevant eigen vermogen meer en leeft van AOW en ABP-pensioen terwijl zijn huur in Den Haag hoog is.
  11. 31-05-2008 De vader ondertekent op initiatief van de jongste zoon en diens partner een vijfde schuldbekentenis voor een rentedragende geldlening van € 348.300.
  12. 02-09-2008 De vader ondertekent een door de jongste zoon en diens partner opgestelde verklaring waarin hij meubels en schilderijen in bruikleen geeft voor het vakantiehuis in Pardaillan en bevestigt dat hij substantieel zal bijdragen aan de restauratie om zijn schulden aan de jongste zoon en diens partner te vereffenen.

erfrecht · schenking · misbruik-van-omstandigheden · bewijslast · procesrecht · cassatie · uitleg-overeenkomst · redelijkheid-en-billijkheid