Pachtkwalificatie vereist beoordeling van alle omstandigheden; geen uitdrukkelijke instemming noodzakelijk.
Contractenrecht; pachtrecht. Wie is de contractuele wederpartij? HR 11 maart 1977, ECLI:NL:HR:1977:AC1877 (Kribbebijter). Maatstaf om overeenkomst als pachtovereenkomst aan te merken; art. 7:311 BW;. Onderscheid tussen uitleg en kwalificatie. Bedoeling van partijen.
Partijen en standpunten
- Eiser: [eiser]
Wetsartikelen
- art. 7:7:311 BW
- art. 7:7:317 BW
- art. 7:7:322 BW
- art. 1019j Rv
- art. 96 Rv
- art. 7:7:201 BW
- art. 7:7:312 BW
- art. 3:3:37 lid 1 BW
Tijdlijn
- 01-04-2008 [verweerder] stelt enkele percelen agrarische grond van in totaal 4,07 hectare ter beschikking om als weiland te gebruiken voor paardenbegrazing, tegen een jaarlijkse vergoeding van € 4.000. Volgens de later opgestelde overeenkomst zou dit gebruik aanvankelijk berusten op een mondelinge afspraak. [verweerder] heeft de percelen daartoe ingezaaid met gras(zaden).
- 00-00-0000 [2008-2011] De jaarlijkse vergoeding van € 4.000 wordt telkens door [A] N.V. aan [verweerder] betaald. In de feitelijke uitvoering verzorgt [A] volgens [eiser] de paarden en het onderhoud van de grond. [eiser] stelt later dat deze omstandigheden erop wijzen dat [A] de feitelijke gebruiker was.
- 00-00-0000 [2011] [verweerder] sluit met [A] N.V. een overeenkomst tot overdracht van toeslagrechten. [eiser] beroept zich later op deze overeenkomst als aanwijzing dat [verweerder] wist dat [A] een agrarische onderneming dreef. De exacte datum van deze overeenkomst is in de conclusie niet vermeld.
- 25-02-2014 [A] N.V. wordt ingeschreven in het Nederlandse handelsregister bij de Kamer van Koophandel, met als bedrijfsactiviteit het telen van en handelen in landbouwproducten.
- 00-00-0000 [Eind 2014] Partijen ondertekenen een door [verweerder] opgestelde schriftelijke overeenkomst, aangeduid als ‘overeenkomst van uitscharing’. Daarin verklaart [eiser] dat hij gedurende de jaren 01-04-2008 tot 01-04-2014 paarden heeft ingeschaard bij [verweerder] tegen € 4.000 per jaar. [eiser] stelt later dat dit stuk niet de werkelijke situatie weergeeft en is opgesteld om een pachtovereenkomst te vermijden.
- 15-03-2015 Partijen ondertekenen een door [verweerder] opgestelde ‘jaarlijkse overeenkomst van inscharing (begrazing van paarden)’. [eiser] verklaart daarin dat hij gedurende 01-04-2014 tot 01-04-2015 paarden heeft ingeschaard bij [verweerder] tegen € 4.000. In de tekst worden de woorden ‘paarden’ en ‘(begrazing)’ door [eiser] doorgestreept. De exacte ondertekeningsdatum in maart 2015 staat volgens de conclusie niet vast.
- 31-03-2015 De advocaat van [verweerder] sommeert [eiser] om zijn paarden vóór 1 augustus 2015 van het weiland te verwijderen.
- 17-04-2015 De gemachtigde van [A] reageert op de sommatie en stelt dat [A] het perceel weiland gebruikt tegen een jaarlijkse prijs, dat sprake is van pacht en dat deze pacht op grond van art. 7:322 BW voor onbepaalde tijd geldt. [A] weigert het weiland te ontruimen.
- 00-00-0000 [2015] [verweerder] dagvaardt [eiser] voor de pachtkamer van de toenmalige rechtbank Middelburg. Hij vordert onder meer een verklaring voor recht dat sprake is van een overeenkomst van inscharing en niet van pacht, een verklaring voor recht dat de overeenkomst is geëindigd, en ontruiming van het weiland op straffe van een dwangsom.
- 00-00-0000 [2015] Ter zitting laat de pachtkamer weten van oordeel te zijn dat de zaak niet valt onder art. 1019j Rv. Partijen komen daarop overeen de zaak op de voet van art. 96 Rv aan de kantonrechter voor te leggen, met voorbehoud van hoger beroep. De exacte datum van deze procesafspraak is in de conclusie niet vermeld.
- 23-03-2016 De kantonrechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant wijst vonnis en wijst de vorderingen van [verweerder] toe.
- 17-01-2017 [eiser] dient in hoger beroep een akte in waarin hij onder meer aanvoert dat uit de feitelijke werkwijze en uit gedragingen na het sluiten van de overeenkomst kan blijken welk gebruik partijen voor ogen stond. In de conclusie wordt dit stuk besproken als onderdeel van het debat over de uitleg van de overeenkomst.