Extra voorzichtigheid vereist op smalle onverlichte wegen in duisternis; schuld bij verkeersongeval kan worden aangenomen.

Parket bij de Hoge Raad ยท 4 juni 2019 ยท Strafrecht

Conclusie AG. Art. 6 WVW 1994, dodelijk verkeersongeval in het Friese Pingjum op 22 augustus 2014 waarbij de bestuurder van een personenauto 's avonds op een smalle onverlichte weg twee voetgangers en een hond heeft geschept. De AG stelt zich op het standpunt dat het oordeel van het hof dat sprake is van schuld in de zin van aanmerkelijke onvoorzichtigheid en onoplettendheid niet getuigt van een onjuiste rechtsopvatting en ook niet onbegrijpelijk is en adviseert de Hoge Raad de zaak met toepassing van art. 81 lid 1 RO af te doen.

Partijen en standpunten

  • Eiser: [Naam van de eiser(s)]

Wetsartikelen

Tijdlijn

  1. 22-08-2014 Op 22 augustus 2014 vond een verkeersongeval plaats in Pingjum, Friesland, waarbij een personenauto bestuurd door de verdachte betrokken was. Twee voetgangers en hun hond werden aangereden, resulterend in de dood van een voetganger en de hond, en ernstig letsel voor de andere voetganger.
  2. 31-08-2014 Slachtoffer 2 legde een verklaring af bij de politie over het ongeval, waarin zij beschreef dat zij en haar vriend aan de linkerkant van de weg liepen toen zij een auto hoorden aankomen.
  3. 31-10-2014 Verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] voltooiden hun verkeersongevalsanalyse, waarin zij de wegomstandigheden en sporen van het ongeval beschreven.
  4. 14-06-2018 Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelde de verdachte wegens overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, wat resulteerde in een taakstraf van 240 uren en een rijontzegging van negen maanden.
  5. 21-02-2019 Het cassatieberoep werd door de verdachte partieel ingetrokken, namelijk voor zover het de vrijspraak van bepaalde onderdelen betrof.
  6. 04-06-2019 De procureur-generaal bij de Hoge Raad concludeerde dat het cassatieberoep van de verdachte faalt en adviseerde tot verwerping van het beroep.