Verwerp cassatie; een rechtsgeldig testament blijft in beginsel leidend, behoudens strikte wettelijke uitzonderingen.
Erfrecht, procesrecht. Vordering tot vernietiging testament. Geestelijke stoornis erflater? Stelplicht en bewijslast; bewijsaanbod in hoger beroep met verwijzing naar stellingen eerste aanleg.
Partijen en standpunten
- Eiser: [eiseressen 1], [eiseres 2], [eiseres 3]
Wetsartikelen
- art. 4:4:3 lid 1 BW
- art. 4:4:43 BW
- art. 4:4:3 BW
- art. 3:3:34 BW
- art. 4:4:59 BW
- art. 3:3:303 BW
Tijdlijn
- 28-07-2008 [betrokkene 1] overlijdt, weduwnaar en tandarts te [plaats], met drie dochters en vijf kleinkinderen. Tot zijn overlijden woonde hij zelfstandig in zijn woning met praktijkruimte.
- 22-09-2008 Na verkregen verlof van de voorzieningenrechter leggen [eiseressen] conservatoir beslag ten laste van [verweerster] op onroerend goed te Delft.
- 18-11-2008 [eiseressen] leggen aanvullend conservatoir beslag ten laste van [verweerster] onder Fortis Bank (Nederland) N.V.
- 17-12-2008 [eiseressen] dagvaarden [verweerster] en starten de procedure bij de rechtbank. Zij vorderen primair nietigverklaring of vernietiging van het testament van 23-05-2008, subsidiair verklaringen voor recht over het testament van 15-03-2006, en meer subsidiair diverse verklaringen voor recht op grond van redelijkheid en billijkheid, alsmede inzage, rekening en verantwoording en een dwangsom.
- 23-05-2008 [betrokkene 1] laat ten overstaan van notaris [betrokkene 3] een nieuw testament opmaken. Daarin benoemt hij [verweerster] tot enig erfgenaam onder ontbindende voorwaarde, wijst hij zijn kinderen aan als verwachters, maakt hij legaten ten gunste van ieder kind en benoemt hij [verweerster] tevens tot executeur met beheersbevoegdheid.
- 15-03-2006 In een eerder testament had [betrokkene 1] [verweerster] eveneens tot executeur van zijn nalatenschap benoemd.
- 08-06-2011 De rechtbank ’s-Gravenhage wijst vonnis. Zij acht niet bewezen dat [betrokkene 1] ten tijde van het testament geestelijk gestoord of wilsonbekwaam was en wijst vernietiging op grond van artikelen 4:43 en 4:59 BW af. Wel oordeelt de rechtbank dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat [verweerster] als enig erfgenaam optreedt, en verklaart zij dat [verweerster] aan de uiterste wilsbeschikkingen van 23-05-2008 geen rechten kan ontlenen.
- 27-08-2009 De rechtbank ’s-Gravenhage, sector kanton, locatie Delft, ontslaat [verweerster] met ingang van 28-08-2009 als executeur in de nalatenschap van [betrokkene 1].
- 19-05-2010 Overeenkomstig een afspraak tussen [eiseressen] en [verweerster] wordt aan [betrokkene 5] een onherroepelijke volmacht verleend om als vereffenaar van de nalatenschap op te treden. [betrokkene 5] zendt vervolgens rapporten over omvang en samenstelling van de nalatenschap aan de rechtbank.
- 16-02-2011 [eiseressen] wijzigen hun eis bij akte en voegen meer subsidiaire vorderingen toe.
- 24-06-2014 Het gerechtshof ’s-Gravenhage vernietigt het vonnis van de rechtbank en oordeelt dat het testament van 23-05-2008 rechtsgeldig is. Het hof acht wilsonbekwaamheid en onwaardigheid niet bewezen, verwerpt het beroep op de derogerende werking van redelijkheid en billijkheid, wijst de vordering tot rekening en verantwoording af en beveelt [eiseressen] de gelegde beslagen op te heffen.
- 24-09-2014 [eiseressen] stellen tijdig cassatieberoep in tegen het arrest van het hof. [verweerster] concludeert tot verwerping, waarna schriftelijke toelichting, repliek en dupliek volgen.