Bij ontbreken van overeenkomst mag ongerechtvaardigde verrijking worden toegewezen op basis van onbestreden kostenspecificatie.
Procesrecht. Aanvulling grondslag vordering. Twee conclusie-regel. Aanpassen stellingen na cassatie en verwijzing. Ongerechtvaardigde verrijking. Vergoeding redelijk?
Partijen en standpunten
- Eiser: [eiser]
Wetsartikelen
- art. 7:7:752 BW
- art. 6:6:212 BW
Tijdlijn
- 01-01-2011 [eiser] verwerft een perceel om daarop een woning voor zelfbewoning te bouwen. Dit vormt de aanloop tot het latere geschil over de afbouw van de woning.
- 08-10-2010 Na een conflict met zijn aannemer legt [eiser] contact met [verweerster] om het casco af te bouwen. Op basis van een offerte van [verweerster] van 22-09-2010 en na onderhandelingen bevestigt [eiser] schriftelijk de opdracht voor het waterdicht afwerken van het dak en werkzaamheden aan de tweede verdieping voor € 100.000 incl. btw. De brief vermeldt onder meer ruwbouw van de tweede verdieping, dakafwerking, metsel- en stucwerk, steigerwerk en afwerking van goten en hemelwaterafvoeren; de aanvang moet zo spoedig mogelijk plaatsvinden.
- 16-02-2011 [verweerster] zendt aan [eiser] een schriftelijke opdrachtbevestiging voor het leveren en plaatsen van gevelkozijnen en ramen, met een totaalprijs van € 49.991,90 inclusief btw. In de opdrachtbevestiging worden onder meer meranti hardhouten kozijnen, beglazing, ventilatieroosters, dichtmetselen van openingen en afwerking beschreven.
- 18-02-2011 Volgens [eiser] stuurt [verweerster] nog een offerte voor dezelfde werkzaamheden aan de gevelkozijnen en ramen. [eiser] stelt dat hij die offerte niet aanvaardt en dat de werkzaamheden niet voor de genoemde prijs waren overeengekomen. Het hof acht deze latere offerte van belang bij de beoordeling of de opdracht op 16-02-2011 reeds definitief was gesloten.
- 02-03-2011 [verweerster] brengt voor de werkzaamheden aan de gevelkozijnen en ramen een eerste factuur uit van € 34.993,50. [eiser] betaalt deze factuur niet.
- 11-03-2011 [eiser] laat een factuur van [verweerster] voor de werkzaamheden aan de kap/tweede verdieping onbetaald. Het gaat om een factuur van € 5.000.
- 11-03-2011 [verweerster] verzendt een tweede factuur voor de gevelkozijnen en ramen van € 9.998,14. Ook deze factuur blijft onbetaald.
- 25-03-2011 [verweerster] stuurt een derde factuur voor de gevelkozijnen en ramen van € 4.999,07. Daarnaast blijft ook een tweede factuur van [verweerster] ter zake de werkzaamheden aan de kap/tweede verdieping van € 5.000 onbetaald. [eiser] betwist volgens het hof mondeling direct de kozijnenfacturen en stelt dat niet hij maar zijn vader bij de opdracht betrokken zou zijn geweest; [verweerster] betwist dat.
- 25-03-2011 In de procedure verwijst het hof later naar een e-mailwisseling van 25-03-2011 en 20-04-2011. De inhoud daarvan wordt in de uitspraak niet volledig weergegeven; [eiser] had daarop nog niet kunnen reageren toen het hof die stukken in zijn beoordeling betrok.
- 22-08-2011 [verweerster] zendt nog twee facturen aan [eiser]: één voor stuc- en metselwerk aan de buitengevel van € 4.998 en één voor het plaatsen van een koekoekskelderraam van € 1.669. Ook deze facturen worden niet betaald.
- 01-12-2011 [verweerster] dagvaardt [eiser] voor de Rechtbank ’s-Gravenhage en vordert betaling van € 66.658,10 aan hoofdsom, vermeerderd met rente, beslagkosten en overige nevenvorderingen.
- 26-09-2012 De Rechtbank wijst eindvonnis. In conventie wordt de vordering van [verweerster] grotendeels toegewezen: € 66.658,10, vermeerderd met wettelijke rente en beslagkosten. In reconventie wordt [verweerster] veroordeeld tot betaling van € 7.428,62 aan [eiser], vermeerderd met wettelijke rente, wegens schade en een deel van de kosten van een deskundigenrapport.