Rechter kan arbeidsovereenkomst niet herstellen of billijke vergoeding toekennen zonder verplichting.
Arbeidsrecht. Wet werk en zekerheid. Art. 7:683 lid 3 BW. Verplichting tot toekenning billijke vergoeding indien appelrechter niet overgaat tot herstel arbeidsovereenkomst? Begroting billijke vergoeding art. 7:683 lid 3 BW; gezichtspunten HR 30 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1187, NJ 2017/298 (New Hairstyle).
Rechtsvraag
De rechtsvraag is of het hof terecht heeft geoordeeld dat zowel herstel van de arbeidsovereenkomst als toekenning van een billijke vergoeding achterwege kunnen blijven nadat de arbeidsovereenkomst ten onrechte is ontbonden.
Regel
- Art. 7:669 lid 3, onder e, BW (verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer)
- Art. 7:669 lid 3, onder g, BW (verstoorde arbeidsverhouding)
- Art. 7:671b lid 8 aanhef en onder c BW (billijke vergoeding bij ernstig verwijtbaar handelen werkgever)
- Art. 7:683 lid 3 BW (herstel arbeidsovereenkomst of billijke vergoeding na onterechte ontbinding)
Toepassing
- Art. 7:669 lid 3, onder e, BW (verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer) Het hof oordeelde dat [verzoeker] zich niet schuldig heeft gemaakt aan werkweigering gezien zijn medische situatie en de adviezen van zijn behandelaars en de bedrijfsarts van Securitas, waardoor van hem redelijkerwijs niet kon worden gevergd dat hij zijn werkzaamheden zou hervatten (rov. 3.6-3.12).
- Art. 7:669 lid 3, onder g, BW (verstoorde arbeidsverhouding) Het hof heeft geen verstoorde arbeidsverhouding aangenomen, omdat de ontbinding van de arbeidsovereenkomst niet gerechtvaardigd was op de aangevoerde gronden (rov. 3.6-3.12).
- Art. 7:671b lid 8 aanhef en onder c BW (billijke vergoeding bij ernstig verwijtbaar handelen werkgever) Het hof oordeelde dat er geen sprake was van ernstig verwijtbaar handelen van [verweerster], omdat er geen aanknopingspunten waren dat de loonsancties en het verzoek tot ontbinding leidden tot een toename van medische problemen van [verzoeker] (rov. 3.19).
- Art. 7:683 lid 3 BW (herstel arbeidsovereenkomst of billijke vergoeding na onterechte ontbinding) Het hof besloot geen herstel van de arbeidsovereenkomst te bevelen gezien de onduidelijkheid over de arbeidsgeschiktheid van [verzoeker] en het tijdsverloop. Ook werd geen billijke vergoeding toegekend omdat [verzoeker] onvoldoende had onderbouwd dat [verweerster] verwijtbaar had gehandeld en er geen 'waarde' was die vergoed moest worden (rov. 3.19-3.20).
Conclusie
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep, oordelend dat het hof terecht heeft geoordeeld dat zowel herstel van de arbeidsovereenkomst als toekenning van een billijke vergoeding achterwege kunnen blijven, en dat het hof voldoende inzicht heeft gegeven in de omstandigheden die tot deze beslissing hebben geleid.
Partijen en standpunten
- Eiser: [verzoeker]
- Gedaagde: [verweerster]
Verzoeker stelt dat het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst ten onrechte is toegewezen en eist herstel van de arbeidsovereenkomst of een billijke vergoeding.
Verweerster stelt dat verzoeker verwijtbaar heeft gehandeld en dat herstel van de arbeidsovereenkomst niet mogelijk is gezien de omstandigheden.
Wetsartikelen
Tijdlijn
- 05-08-2006 [verzoeker] treedt in dienst bij [verweerster] als industrieel schoonmaker voor minimaal 32 uur en maximaal 64 uur per vier weken.
- 29-10-2014 [verzoeker] meldt zich ziek bij zowel [verweerster] als bij Securitas met psychische klachten.
- Medio 02-2015 De arboarts adviseert 'koffiedrinkmomenten' bij [verweerster] te starten ter re-integratie van [verzoeker].
- 11-04-2015 [verzoeker] wordt door zijn leidinggevende opgehaald voor een koffiedrinkmoment, maar blijft in de auto zitten en gaat niet naar binnen.
- 17-04-2015 [verweerster] informeert [verzoeker] per brief dat zijn loon niet meer wordt betaald vanaf 14 april 2015 wegens onvoldoende medewerking aan re-integratie.
- 24-07-2015 Partijen ondertekenen een bijstelling van het 'plan van aanpak WIA' en starten met werkhervatting. De loonstop wordt opgeheven.
- 01-09-2015 Het UWV oordeelt dat [verzoeker] op 11 april 2015 niet geschikt was voor zijn arbeid, waarna [verweerster] het loon uitbetaalt over de betreffende periode.
- 26-10-2015 [verzoeker] meldt zich hersteld, maar meldt zich de volgende dag weer ziek wegens een terugval.
- 30-10-2015 [verzoeker] wordt door de arboarts niet arbeidsongeschikt bevonden en verdere werkzaamheden zijn mogelijk na vakantie.
- 04-12-2015 [verweerster] meldt dat het salaris wordt opgeschort per 5 december 2015 vanwege niet hervatten van werk.
- 12-01-2016 Het UWV oordeelt dat [verzoeker] op 5 december 2015 arbeidsgeschikt was.
- 15-01-2016 [verweerster] neemt contact op met [verzoeker] en vraagt hem zijn werkzaamheden de volgende dag volledig te hervatten.