Inspanningsverplichtingen impliceren geen resultaatsverplichtingen, tenzij expliciet overeengekomen in de overeenkomst.

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden ยท 15 mei 2014 ยท Hoger beroep ยท Civiel recht

Toerekenbare tekortkoming in de nakoming van een tussen de gemeente en X overeengekomen intentieovereenkomst. Onrechtmatige daad wegens het op onrechtmatige wijze afbreken van onderhandelingen ter totstandkoming van zodanige overeenkomst, althans onrechtmatige daad die ligt besloten in de formele rechtskracht van een uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Rechtsvraag

De centrale juridische vraag is of de gemeente Nijmegen toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de intentieovereenkomst met Muldershof-Epart B.V. en of de gemeente onrechtmatig jegens Muldershof-Epart heeft gehandeld.

Regel

  • Art. 6:2 Algemene wet bestuursrecht (Awb) (Betreft het niet tijdig nemen van een besluit dat gelijk wordt gesteld aan een afwijzend besluit).
  • Bevoegdhedenovereenkomst (Een overeenkomst met een gemengd privaatrechtelijk en bestuursrechtelijk karakter, waarbij de wederpartij zich tot de bestuursrechter dient te wenden voor nakoming).
  • Inspanningsverplichting (Een verplichting om zich in te spannen om een bepaald resultaat te bereiken, zonder garantie op dat resultaat).
  • Raamovereenkomst (Een overeenkomst die de algemene voorwaarden van toekomstige contracten regelt tussen partijen).
  • Onrechtmatige daad (Bij afgebroken onderhandelingen, toetsing aan gerechtvaardigd vertrouwen en omstandigheden).
  • Artikel 30 Wet op de Ruimtelijke Ordening (oud) (Vereiste termijnen voor het vaststellen van een bestemmingsplan).

Toepassing

  • Art. 6:2 Algemene wet bestuursrecht (Awb) (Betreft het niet tijdig nemen van een besluit dat gelijk wordt gesteld aan een afwijzend besluit). De vordering van Muldershof-Epart om de gemeente te verplichten een bestemmingsplan in procedure te brengen valt onder de bevoegdhedenovereenkomst. Omdat Muldershof-Epart nakoming van de verplichting tot het nemen van een besluit wenst, had zij zich tot de bestuursrechter moeten wenden. De burgerlijke rechter is in dit opzicht niet bevoegd. (4.5-4.6)
  • Bevoegdhedenovereenkomst (Een overeenkomst met een gemengd privaatrechtelijk en bestuursrechtelijk karakter, waarbij de wederpartij zich tot de bestuursrechter dient te wenden voor nakoming). De intentieovereenkomst heeft het karakter van een bevoegdhedenovereenkomst. Muldershof-Epart had met de vordering tot nakoming de bestuursrechter moeten benaderen. De burgerlijke rechter is alleen bevoegd inzake de vordering tot schadevergoeding. (4.6)
  • Inspanningsverplichting (Een verplichting om zich in te spannen om een bepaald resultaat te bereiken, zonder garantie op dat resultaat). De gemeente is een inspanningsverplichting aangegaan en heeft zich voldoende ingespannen door de planprocedure op te starten en verschillende inspraakrondes en onderzoeken te organiseren. Het feit dat het plan niet is gerealiseerd, lag buiten de controle van de gemeente en was onderhevig aan andere belanghebbenden. (4.10-4.17)
  • Raamovereenkomst (Een overeenkomst die de algemene voorwaarden van toekomstige contracten regelt tussen partijen). De intentieovereenkomst kan niet als raamovereenkomst worden aangemerkt, aangezien de gemeente slechts een inspanningsverplichting had en geen garantie op resultaat. (4.12)
  • Onrechtmatige daad (Bij afgebroken onderhandelingen, toetsing aan gerechtvaardigd vertrouwen en omstandigheden). De gemeente heeft niet onrechtmatig gehandeld door de onderhandelingen af te breken, omdat er geen gerechtvaardigd vertrouwen was dat een overeenkomst zou worden bereikt. Ook was er geen sprake van onvoorziene omstandigheden die het vertrouwen van Muldershof-Epart zouden rechtvaardigen. (4.20-4.28)
  • Artikel 30 Wet op de Ruimtelijke Ordening (oud) (Vereiste termijnen voor het vaststellen van een bestemmingsplan). De overschrijding van de termijn in artikel 30 WRO (oud) door de gemeente levert geen onrechtmatige daad op, aangezien de gemeente beleidsvrijheid heeft en de overschrijding geen verplichting tot vaststelling van een bestemmingsplan impliceert. (4.32)

Conclusie

Het hof concludeert dat de gemeente Nijmegen niet toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de intentieovereenkomst met Muldershof-Epart B.V. en dat de gemeente niet onrechtmatig jegens Muldershof-Epart heeft gehandeld. De vorderingen van Muldershof-Epart zijn derhalve niet toewijsbaar.

Partijen en standpunten

  • Eiser: Muldershof-Epart B.V.
  • Gedaagde: de gemeente Nijmegen

Muldershof-Epart vordert nakoming van de intentieovereenkomst met de gemeente betreffende de ontwikkeling van de Groenestraat, vergoeding van schade door niet-nakoming en een verbod op de ontwikkeling van het Smit Draad-terrein.

De gemeente betwist wanprestatie en stelt dat de intentieovereenkomst is uitgewerkt en dat er voldoende inspanningen zijn geleverd. Tevens voert zij aan dat bepaalde vorderingen niet bij de burgerlijke rechter thuishoren.

Wetsartikelen

Tijdlijn

  1. 27-01-1998 Projectburo Muldershof, Ahold, Vendex en de gemeente Nijmegen ondertekenen de intentieovereenkomst voor het winkelplan Groenestraat in Nijmegen.
  2. 18-11-1998 De gemeenteraad neemt een motie aan om de omvang van de geplande winkelvoorziening te verkleinen.
  3. 12-01-1999 Projectburo Muldershof stuurt voorstel tot planaanpassing naar B&W na overleg.
  4. 02-02-1999 B&W stemt in met de gewijzigde planinhoud en start de planprocedure.
  5. 02-01-2001 De grondruil zoals bedoeld in de intentieovereenkomst wordt voltooid.
  6. 15-08-2001 Projectburo Muldershof uit teleurstelling over vertraging in de raadsbehandeling van het project.
  7. 30-08-2001 Gesprek tussen Projectburo Muldershof en de gemeente waarin overeengekomen wordt dat Muldershof geen schadeclaims indient.
  8. 11-03-2002 De gemeente informeert Projectburo Muldershof over de actualisatie van de intentieovereenkomst.
  9. 15-05-2002 Gesprek tussen Projectburo Muldershof, Ahold en de gemeente over een concept-intentieovereenkomst.
  10. 22-05-2002 Projectburo Muldershof reageert op de concept-intentieovereenkomst en stelt voor af te zien van aanvullende overeenkomst.
  11. 10-07-2002 Projectburo Muldershof trekt eerder gedane voorstellen in en wenst handhaving van de oorspronkelijke intentieovereenkomst.
  12. 27-08-2002 De gemeente, Projectburo Muldershof en Ahold maken nieuwe afspraken over het winkelvloeroppervlak en hervatten de bestemmingsplanprocedure.