Incorporatiebeding bindt werknemers aan cao zonder vakbond; nawerking oude cao vervalt bij nieuwe standaardcao.
Appel van ECLI:NL:RBNHO:2017:2911. FNV-leden zijn niet gebonden aan de met andere vakbonden gesloten CAO 2013-2016. Uitleg incorporatiebeding. De CAO 2011-2013 heeft voor hen echter geen nawerking na 1 mei 2016.
Rechtsvraag
De kernvraag is of de werknemers van Transavia die lid zijn van de FNV, gebonden zijn aan de cao 2013-2016 en zo ja, vanaf welke datum deze binding geldt.
Regel
- art. 9 lid 1 Wet CAO (binding aan cao gedurende de looptijd)
- art. 6:248 lid 2 BW (redelijkheid en billijkheid in contracten)
- art. 7:613 BW (eenzijdige wijziging van arbeidsvoorwaarden)
- Cao-norm (uitleg cao naar objectieve maatstaven)
- Haviltex-maatstaf (uitleg contracten naar redelijke verwachtingen)
Toepassing
- art. 9 lid 1 Wet CAO (binding aan cao gedurende de looptijd) Omdat FNV partij was bij de cao 2011-2013, zijn Transavia en de FNV-leden op grond van artikel 9 lid 1 Wet CAO daaraan gebonden tot het moment van opzegging, namelijk 1 mei 2016. Dit betekent dat de FNV-leden tot die datum recht hebben op de voorwaarden van de cao 2011-2013, inclusief tien roostervrije dagen per jaar. (Rechtsoverweging 3.5)
- art. 6:248 lid 2 BW (redelijkheid en billijkheid in contracten) Transavia's beroep op de redelijkheid en billijkheid om de FNV-leden minder roostervrije dagen toe te kennen werd afgewezen. Het hof oordeelde dat het vrijstond voor FNV en haar leden om het Onderhandelingsakkoord niet te aanvaarden. Er was geen bewijs dat hun aanspraken tot ongewenste spanningen leidden. (Rechtsoverweging 3.8)
- art. 7:613 BW (eenzijdige wijziging van arbeidsvoorwaarden) Het hof oordeelde dat er geen sprake was van een eenzijdige wijziging van de arbeidsvoorwaarden onder artikel 7:613 BW, aangezien de cao 2013-2016 met een standaardkarakter door het incorporatiebeding van toepassing was op de FNV-leden vanaf 1 mei 2016. (Rechtsoverweging 3.15)
- Cao-norm (uitleg cao naar objectieve maatstaven) Het hof stelde dat de cao-norm betekent dat de bewoordingen van het incorporatiebeding zo moeten worden begrepen dat ze verwijzen naar de telkens geldende cao voor het Transavia-grondpersoneel, ongeacht welke partijen daarbij betrokken zijn. Dit betekende dat de FNV-leden vanaf 1 mei 2016 gebonden zijn aan de cao 2013-2016. (Rechtsoverweging 3.11)
- Haviltex-maatstaf (uitleg contracten naar redelijke verwachtingen) Volgens de Haviltex-maatstaf was er geen reden om aan te nemen dat de FNV-leden het incorporatiebeding anders hadden mogen begrijpen dan volgens de cao-norm. Er waren geen aanwijzingen dat de gedragingen en verklaringen van partijen bij het sluiten van de arbeidsovereenkomsten een andere verwachting rechtvaardigden. (Rechtsoverweging 3.12)
Conclusie
De rechter concludeerde dat de FNV-leden tot 1 mei 2016 gebonden waren aan de cao 2011-2013, en vanaf die datum aan de cao 2013-2016. Het vonnis van de kantonrechter werd vernietigd voor zover het verklaarde dat de cao 2011-2013 ook na 1 mei 2016 van toepassing was.
Partijen en standpunten
- Eiser: Federatie Nederlandse Vakbeweging
- Gedaagde: Transavia Airlines C.V.
FNV vorderde dat hun leden niet gebonden zijn aan de cao 2013-2016 en de cao 2011-2013 moet worden nageleefd, inclusief het toekennen van tien ADV-dagen per jaar.
Transavia stelde dat de FNV-leden gebonden zijn aan de cao 2013-2016 via een incorporatiebeding en dat de redelijkheid en billijkheid een beperking van ADV-dagen rechtvaardigen.
Wetsartikelen
Tijdlijn
- 01-05-2011 De collectieve arbeidsovereenkomst (cao) voor het grondpersoneel van Transavia, geldig van 1 mei 2011 tot 30 april 2013, wordt van kracht. Deze cao is gesloten met de vakbonden FNV, CNV, De Unie en NVLT en omvat onder andere tien roostervrije dagen per jaar voor werknemers.
- 30-04-2013 De geldigheid van de cao 2011-2013 eindigt officieel.
- 07-10-2015 Transavia bereikt overeenstemming met CNV, De Unie en NVLT over de cao 2013-2016. De looptijd is van 1 mei 2013 tot 31 december 2016, en het aantal ADV-dagen wordt stapsgewijs verminderd.
- 27-10-2015 FNV laat Transavia weten dat haar leden het Onderhandelingsresultaat CAO Transavia Grondpersoneel 2013-2016 hebben verworpen, met name vanwege het inleveren van ADV-dagen.
- 28-01-2016 Transavia nodigt FNV uit om zich aan te sluiten bij de cao 2013-2016 en stelt dat met de totstandkoming van deze cao de cao 2011-2013 is geรซindigd. Transavia zegt de cao 2011-2013 op per 1 mei 2016.
- 22-02-2016 FNV verzoekt Transavia om de cao 2011-2013 op haar leden toe te passen.
- 08-03-2016 Transavia wijst het verzoek van FNV om de cao 2011-2013 toe te passen op haar leden af.
- 13-06-2016 FNV dagvaardt Transavia en verzoekt de kantonrechter om te verklaren dat haar leden niet gebonden zijn aan de cao 2013-2016 en om Transavia te veroordelen tot naleving van de cao 2011-2013.
- 05-04-2017 De kantonrechter verklaart dat de cao 2011-2013 van toepassing blijft op de FNV-leden en veroordeelt Transavia tot toekenning van tien ADV-dagen per jaar aan FNV-leden.
- 29-05-2017 Transavia gaat in hoger beroep tegen het vonnis van de kantonrechter bij het Gerechtshof Amsterdam.
- 04-04-2018 De zaak wordt mondeling bepleit voor het Gerechtshof Amsterdam door beide partijen.
- 19-02-2019 Het Gerechtshof Amsterdam vernietigt het vonnis van de kantonrechter voor zover het de periode na 1 mei 2016 betreft, en verklaart dat vanaf die datum de cao 2013-2016 voor FNV-leden geldt. Het hof compenseert de proceskosten in hoger beroep.