Aandeelhouder kan gedwongen worden aandelen over te dragen bij schadelijk gedrag dat vennootschap bedreigt.

Rechtbank Amsterdam · 18 maart 2022 · Kort geding · Civiel recht

Aandeelhoudersgeschil. Vordering overdracht aandelen (uitstoting) toegewezen in kort geding.

Rechtsvraag

Moet de voorzieningenrechter beslissen dat de aandelen van [gedaagde] in [naam bv 1] moeten worden overgedragen aan [eiseres] vanwege de patstelling en het conflict tussen de aandeelhouders?

Regel

  • art. 2:336 BW (geschillenregeling aandeelhouders/uitstoting van een aandeelhouder)
  • art. 3:300 lid 1 BW (vervangende toestemming rechter voor rechtshandelingen)

Toepassing

  • art. 2:336 BW (geschillenregeling aandeelhouders/uitstoting van een aandeelhouder) De voorzieningenrechter beoordeelt of de gedragingen van [gedaagde] zodanig zijn dat het voortduren van haar aandeelhouderschap in redelijkheid niet meer kan worden geduld. Er wordt geconcludeerd dat [gedaagde] als aandeelhouder het belang van de onderneming uit het oog heeft verloren. Haar handelen was enkel gericht op haar terugkeer als statutair bestuurder, zonder zelfreflectie of oog voor de noodzaak van rust en continuïteit in de onderneming. Deze gedragingen worden gezien als uitzonderlijke omstandigheden die schadelijk zijn voor de onderneming, wat uitstoting van [gedaagde] rechtvaardigt. (Rechtsoverwegingen 5.5 - 5.16)
  • art. 3:300 lid 1 BW (vervangende toestemming rechter voor rechtshandelingen) De rechter bepaalt dat het vonnis in de plaats treedt van de vereiste medewerking (volmacht) van [gedaagde] voor de overdracht van de aandelen, indien [gedaagde] niet vrijwillig aan de veroordeling voldoet. Dit biedt een rechtsmiddel voor de gedwongen overdracht van de aandelen. (Rechtsoverweging 6.2)

Conclusie

De voorzieningenrechter besluit dat [gedaagde] haar aandelen in [naam bv 1] moet overdragen aan [eiseres] tegen betaling van € 359.000,00. Dit vonnis treedt in de plaats van de vereiste medewerking van [gedaagde] als zij niet vrijwillig voldoet. De rechter baseert deze beslissing op de vaststelling dat [gedaagde]'s handelen schadelijk is voor de onderneming en dat direct ingrijpen noodzakelijk is om de continuïteit van de onderneming te waarborgen.

Partijen en standpunten

  • Eiser: [eiseres] B.V.
  • Gedaagde: [gedaagde] B.V.

[eiseres] vordert de gedwongen overdracht van aandelen van [gedaagde] aan [eiseres] wegens een patstelling tussen de aandeelhouders die de besluitvorming binnen de vennootschap verlamt. [eiseres] stelt dat het gedrag van [gedaagde] schadelijk is voor de vennootschap en dat haar voortzetting als aandeelhouder niet langer geduld kan worden.

[gedaagde] verzet zich tegen de overdracht van haar aandelen en stelt dat ze nog steeds statutair bestuurder is of zou moeten worden. Ze betwist de opzegging van de samenwerkingsovereenkomst en voert aan dat er geen sprake is van omstandigheden die uitstoting rechtvaardigen.

Wetsartikelen

Tijdlijn

  1. 2003 [naam 1] en [naam 2], collega's op de kinderafdeling van het Lucas Ziekenhuis, richten samen met een andere collega een vennootschap onder firma op voor kinderopvang van jonge kinderen met een chronische ziekte.
  2. 2007 De vennootschap onder firma wordt omgezet in [naam bv 2], met een aangewezen Raad van Toezicht (RvT).
  3. 2016 De collega van [naam 1] en [naam 2] trekt zich terug als statutair bestuurder en aandeelhouder van [naam bv 2] Beheer. [eiseres] en [gedaagde] worden de enige aandeelhouders/bestuurders.
  4. 29-05-2019 [naam bv 1], de maatschap [naam maatschap], partijen en [naam 2] en [naam 1], gaan een samenwerkingsovereenkomst aan, waarin onder andere afspraken zijn gemaakt over de opzegging en beëindiging van de samenwerking.
  5. 03-2020 [naam 2] valt uit wegens gezondheidsproblemen (burn out/overgangsklachten).
  6. 23-06-2020 Een vergadering vindt plaats tussen de directie ([naam 1]) en de RvT, waarbij zorgen worden geuit over de terugkeer van [naam 2].
  7. 02-09-2020 Partijen besluiten dat [gedaagde] tijdelijk terugtreedt als statutair bestuurder wegens ziekte van [naam 2].
  8. 13-09-2020 [naam 2] emailt de RvT over haar zoektocht naar taken die haar energie geven en vermijdt taken die haar ziek maakten.
  9. 12-01-2021 Een gesprek vindt plaats waarbij [naam 2] aangeeft dat ze niet in dezelfde functie wil terugkeren.
  10. 19-01-2021 De verzekeraar bepaalt het arbeidsongeschiktheidspercentage van [naam 2] en verwacht volledige geschiktheid per 1 juni 2021.
  11. 26-01-2021 [naam 2] communiceert dat ze niet bereid is de directie te verlaten, maar een ander takenpakket wil binnen haar functie.
  12. 27-01-2022 Tijdens de zitting worden de vorderingen door [eiseres] toegelicht en doet [gedaagde] een tegenvordering. Aanwezigen zijn vertegenwoordigers van beide partijen, advocaten en leden van de RvT.

verbintenissenrecht · aandeelhoudersgeschil · corporate-governance · ondernemingsrecht · gezondheidsrecht