Intrekking dagvaarding vóór roldatum herstelt niet aanhangigheid van geding.
Procesrecht. Na tijdig aanbrengen zaak vóór aangezegde eerste rechtsdag in hoger beroep wordt H-formulier ‘Verzoek intrekken nieuwe zaak voor eerstdienende dag’ ingediend. Kon in dit geval inschrijvingsherstelexploot (art. 125 lid 5 Rv) worden uitgebracht?
Rechtsvraag
De centrale juridische vraag is of de huurder ontvankelijk is in zijn hoger beroep, gelet op de vraag of de appeldagvaarding van 11 april 2023 als een herstelexploot kan worden aangemerkt volgens artikel 125 lid 5 Rv.
Regel
- art. 125 lid 1 Rv (aanhangigheid geding vanaf dag van dagvaarding)
- art. 125 lid 2 Rv (ter griffie indienen dagvaarding vóór roldatum)
- art. 125 lid 5 Rv (vervallen aanhangigheid bij te late indiening, tenzij herstelexploot binnen twee weken)
- art. 353 lid 1 Rv (overeenkomstige toepassing art. 125 Rv in hoger beroep)
Toepassing
- art. 125 lid 1 Rv (aanhangigheid geding vanaf dag van dagvaarding) De appeldagvaarding van 14 december 2022 maakte het geding aanhangig vanaf die datum. Het hof heeft vastgesteld dat deze dagvaarding tijdig en correct op 27 maart 2023 bij de griffie is ingediend, waardoor de zaak op dat moment aanhangig was.
- art. 125 lid 2 Rv (ter griffie indienen dagvaarding vóór roldatum) De appeldagvaarding moest uiterlijk op de laatste werkdag vóór de roldatum van 28 maart 2023 worden ingediend, wat correct is gedaan op 27 maart 2023.
- art. 125 lid 5 Rv (vervallen aanhangigheid bij te late indiening, tenzij herstelexploot binnen twee weken) Het exploot van 11 april 2023 kan niet als herstelexploot worden beschouwd, omdat er geen sprake was van een verzuim bij de indiening van de oorspronkelijke dagvaarding. De dagvaarding van 11 april 2023 was te laat en kan niet als herstelexploot gelden, aangezien de oorspronkelijke dagvaarding correct en tijdig was ingediend maar later was ingetrokken.
- art. 353 lid 1 Rv (overeenkomstige toepassing art. 125 Rv in hoger beroep) Artikel 125 Rv is ook van toepassing in hoger beroep, wat betekent dat dezelfde termijnen en procedures gelden voor het aanhangig maken van een hoger beroep.
Conclusie
De Hoge Raad verwerpt het beroep en bevestigt het oordeel van het hof dat de huurder niet-ontvankelijk is in zijn hoger beroep. Het exploot van 11 april 2023 kan niet worden beschouwd als een herstelexploot volgens art. 125 lid 5 Rv, omdat de oorspronkelijke appeldagvaarding correct en tijdig was ingediend maar vervolgens was ingetrokken, waardoor de zaak niet meer aanhangig was.
Partijen en standpunten
- Eiser: de huurder
- Gedaagde: Woningstichting De Goede Woning
De huurder stelt dat het hof ten onrechte heeft geoordeeld dat de appeldagvaarding was ingetrokken en dat het exploot van 11 april 2023 niet als herstelexploot kan worden beschouwd.
De verhuurder stelt dat de huurder niet-ontvankelijk is in zijn hoger beroep omdat de dagvaarding was ingetrokken en de appeltermijn was verlopen.
Wetsartikelen
Tijdlijn
- 16-11-2022 De rechtbank Gelderland wijst de vorderingen van de verhuurder toe, waaronder een machtiging om werkzaamheden uit te voeren in de woning van de huurder.
- 14-12-2022 De huurder stelt hoger beroep in tegen het vonnis van de rechtbank Gelderland. De eerste roldatum is aangezegd op 28 maart 2023.
- 27-03-2023 De appeldagvaarding wordt ingediend bij de griffie van het hof Arnhem-Leeuwarden.
- 28-03-2023 De huurder dient een H4-formulier in om de aanbrenging van de zaak als nieuwe zaak voor de rolzitting van 28 maart 2023 in te trekken.
- 11-04-2023 De huurder brengt een exploot uit waarbij de verhuurder in hoger beroep wordt gedagvaard tegen de roldatum 26 september 2023, met vermelding dat de eerdere dagvaarding niet is aangebracht.
- 14-11-2023 Het hof verklaart de huurder niet-ontvankelijk in hoger beroep, omdat de dagvaarding van 11 april 2023 niet kan worden beschouwd als een herstelexploot.
- 21-02-2025 De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van de huurder en veroordeelt de huurder in de kosten van het geding in cassatie.