Verzuim vereist redelijke termijn; eerdere niet-fatale termijnen kunnen invloed hebben op redelijkheid.
Verbintenissenrecht. Ontbinding, ingebrekestelling en verzuim. Art. 6:265 BW, art. 6:82 BW en art. 6:83 BW. Lengte van termijn voor nakoming die aan schuldenaar moet worden gegeven. Had hoofdaannemer het recht om, na periode van discussie en correspondentie met onderaannemer over de termijn en kwaliteit van nakoming door onderaannemer, de overeenkomst met onderaannemer te ontbinden, of verkeerde de onderaannemer nog niet in verzuim?
Rechtsvraag
De kernvraag in deze zaak is of Fraanje het recht had om de overeenkomst met Alukon buitengerechtelijk te ontbinden vanwege vermeend verzuim door Alukon, of dat de ontbinding prematuur was omdat Alukon nog niet in verzuim verkeerde.
Regel
- art. 6:265 lid 1 BW (Ontbinding bij tekortkoming in de nakoming)
- art. 6:265 lid 2 BW (Verzuimvereiste voor ontbinding)
- art. 6:82 lid 1 BW (Ingebrekestelling en redelijke termijn voor nakoming)
- art. 6:82 lid 2 BW (Ingebrekestelling bij tijdelijke onmogelijkheid of nutteloosheid aanmaning)
- art. 6:83 BW (Automatisch verzuim zonder ingebrekestelling)
Toepassing
- art. 6:265 lid 1 BW (Ontbinding bij tekortkoming in de nakoming) Fraanje stelde dat Alukon tekortgeschoten was in de nakoming van de overeenkomst door vertragingen en het gebruik van verkeerde profielen. Het hof oordeelde echter dat er geen sprake was van een zodanige tekortkoming dat ontbinding gerechtvaardigd was, omdat Alukon nog niet in verzuim verkeerde. De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende rekening had gehouden met eerdere sommaties en gestelde termijnen die de termijn voor nakoming konden beïnvloeden (3.3.1).
- art. 6:265 lid 2 BW (Verzuimvereiste voor ontbinding) Het hof oordeelde dat Fraanje de overeenkomst prematuur had ontbonden omdat Alukon nog niet in verzuim was, aangezien de door Fraanje gestelde termijnen onredelijk kort waren en Alukon zich bereid had verklaard na te komen. De Hoge Raad vond echter dat eerdere sommaties en verwachtingen van invloed konden zijn op de redelijkheid van de termijn en dat verzuim mogelijk eerder had kunnen intreden (3.3.1).
- art. 6:82 lid 1 BW (Ingebrekestelling en redelijke termijn voor nakoming) Het hof oordeelde dat de termijnen in de sommaties van 6 en 17 september 2013 onredelijk kort waren. De Hoge Raad benadrukte dat bij de beoordeling van de redelijkheid van de termijn ook eerdere sommaties en de tijd die Alukon had gehad voor voorbereiding, betrokken moesten worden (3.3.1).
- art. 6:82 lid 2 BW (Ingebrekestelling bij tijdelijke onmogelijkheid of nutteloosheid aanmaning) Het hof oordeelde dat de sommaties van Fraanje geen ingebrekestelling inhielden die voldeed aan de vereisten, omdat Alukon nog gelegenheid had om na te komen. De Hoge Raad oordeelde dat de omstandigheden van het geval en de redelijkheid en billijkheid konden betekenen dat een ingebrekestelling achterwege kon blijven (3.3.1).
- art. 6:83 BW (Automatisch verzuim zonder ingebrekestelling) De Hoge Raad oordeelde dat de omstandigheden van het geval konden betekenen dat verzuim van Alukon zonder ingebrekestelling was ingetreden, omdat zij niet toereikend reageerde op de sommaties van Fraanje (3.4.4).
Conclusie
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor verdere behandeling. De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte had geoordeeld dat de door Fraanje gestelde termijnen onredelijk kort waren zonder rekening te houden met eerdere sommaties en dat verzuim mogelijk eerder had kunnen intreden. Hierdoor was de ontbinding van de overeenkomst door Fraanje mogelijk wel gerechtvaardigd.
Partijen en standpunten
- Eiser: Aannemingsbedrijf Fraanje B.V.
- Gedaagde: Alukon Zeeland B.V.
Fraanje stelt dat zij de overeenkomst met Alukon rechtsgeldig heeft ontbonden wegens niet-nakoming door Alukon en vordert schadevergoeding.
Alukon betwist de rechtsgeldigheid van de ontbinding door Fraanje en vordert betaling van de aanneemsom, meerwerk en leegloopkosten.
Wetsartikelen
Tijdlijn
- 04-2013 Fraanje sluit een overeenkomst van onderaanneming met Alukon voor het project Sportpunt Zeeland te Goes, waarbij Alukon verplicht is aluminium kozijnen en vliesgevels te leveren en aan te brengen tegen een aanneemsom van € 155.000,--.
- 27-05-2013 Er vindt overleg plaats tussen Fraanje en Alukon over de planning van de werkzaamheden voor het project.
- 05-07-2013 Fraanje stuurt een brief naar Alukon waarin zij wijst op de vertraging in de uitvoering van de werkzaamheden en vraagt om een plan van aanpak.
- 11-07-2013 Alukon reageert per e-mail en geeft aan in welke weken de werkzaamheden volgens de huidige planning kunnen plaatsvinden.
- 06-09-2013 Fraanje sommeert Alukon om de montage van vliesgevels en kozijnen uiterlijk op 13 september 2013 te voltooien.
- 17-09-2013 De raadsman van Fraanje sommeert Alukon om onderdelen te leveren en monteren met deadlines van 27 september en 15 oktober 2013.
- 24-09-2013 Fraanje sommeert Alukon om de gemonteerde vliesgevelpuien te vervangen, met een termijn van vijf dagen voor een schriftelijke verklaring.
- 26-09-2013 Alukon geeft per e-mail aan dat er diverse oorzaken voor de vertraging zijn en dat zij de werkzaamheden zo snel mogelijk zal uitvoeren.
- 02-10-2013 Fraanje ontbindt de overeenkomst met Alukon, omdat Alukon niet aan de sommaties heeft voldaan.
- 07-10-2013 Alukon reageert op de ontbindingsverklaring van Fraanje en accepteert deze niet.
- 21-10-2013 Er vindt overleg plaats tussen partijen en hun raadslieden, waarna er over en weer wordt gecorrespondeerd.
- 16-07-2014 De rechtbank Zeeland-West-Brabant doet uitspraak in de zaak tussen Fraanje en Alukon.