Bestuurdersaansprakelijkheid vereist ernstig rekening houden met betalingsonmacht vennootschap.

Hoge Raad · 4 april 2014 · Cassatie · Civiel recht

Bestuurdersaansprakelijkheid. Overdracht activa aan zustermaatschappij, terwijl schuld aan schuldeiser onbetaald werd gelaten. Maatstaf voor persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder; HR 8 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ0758, NJ 2006/659. Ernstig verwijt; voldoende dat bestuurder ten tijde van de hem verweten gedraging ernstig rekening had moeten houden met mogelijkheid dat ondanks de gestelde tegenvordering een vordering op de vennootschap zou resteren.

Rechtsvraag

Of de bestuurders van Vlieg Ver Weg B.V., [eiser 1] en [eiseres 2], persoonlijk aansprakelijk kunnen worden gehouden voor de schuld van de vennootschap aan Air Holland, gezien hun vermeende onzorgvuldig handelen door de vennootschap niet in staat te stellen de schuld te voldoen.

Regel

  • art. 2:248 BW (aansprakelijkheid van bestuurders voor faillissementstekort): Bestuurders kunnen aansprakelijk worden gesteld als zij hun taak onbehoorlijk hebben vervuld en dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement.
  • HR 8 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ0758, NJ 2006/659 (Beklamel-norm): Een bestuurder is aansprakelijk als hij wist of redelijkerwijs had behoren te begrijpen dat de door hem bewerkstelligde of toegelaten handelwijze van de vennootschap tot gevolg zou hebben dat deze haar verplichtingen niet zou nakomen en geen verhaal zou bieden voor de als gevolg daarvan optredende schade.

Toepassing

  • art. 2:248 BW (aansprakelijkheid van bestuurders voor faillissementstekort): Bestuurders kunnen aansprakelijk worden gesteld als zij hun taak onbehoorlijk hebben vervuld en dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement. In deze zaak heeft het hof geoordeeld dat [eisers] als bestuurders zodanig onzorgvuldig hebben gehandeld dat hen daarvan een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Zij hebben nagelaten een voorziening op de balans op te nemen voor de harde claim van Air Holland en hebben desondanks ingestemd met de overdracht van activa van de vennootschap aan een zustermaatschappij, terwijl de vennootschap nog voldoende middelen had om de vordering van Air Holland te voldoen. Hierdoor hebben zij bewerkstelligd dat de vennootschap haar betalingsverplichtingen niet kon nakomen.
  • HR 8 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ0758, NJ 2006/659 (Beklamel-norm): Een bestuurder is aansprakelijk als hij wist of redelijkerwijs had behoren te begrijpen dat de door hem bewerkstelligde of toegelaten handelwijze van de vennootschap tot gevolg zou hebben dat deze haar verplichtingen niet zou nakomen en geen verhaal zou bieden voor de als gevolg daarvan optredende schade. Het hof heeft vastgesteld dat [eisers] eind 2001/begin 2002 ernstig rekening hadden moeten houden met de mogelijkheid dat ondanks de gestelde tegenvordering een vordering op de vennootschap zou resteren. Zij hebben echter de activa overgedragen zonder een voorziening te treffen voor de claim van Air Holland, waardoor de vennootschap haar betalingsverplichtingen niet kon nakomen. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat dit voldoende is voor een ernstig verwijt.

Conclusie

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van [eisers] en bevestigt het oordeel van het hof dat [eisers] persoonlijk aansprakelijk zijn voor de schuld van de vennootschap aan Air Holland vanwege hun onzorgvuldig handelen als bestuurders.

Partijen en standpunten

  • Eiser: [eiser 1] en [eiseres 2]
  • Gedaagde: Mr. Pieter Ingwersen Q.Q. en Mr. Rocco Mulder Q.Q.

[eiser 1] en [eiseres 2] betogen dat de vennootschap schade heeft geleden doordat met kleinere vliegtuigen is gevlogen dan was overeengekomen, en vorderen schadevergoeding.

De curatoren stellen dat de vennootschap zich verplicht heeft het verschuldigde bedrag voor de vluchten te voldoen, en beschuldigen de eisers van onrechtmatig handelen door betalingsonwil of door te weten dat de vennootschap niet aan haar verplichtingen kon voldoen.

Wetsartikelen

Tijdlijn

  1. 05-09-1997 [eiser 1] en [eiseres 2] worden benoemd tot zelfstandig bevoegde bestuurders van Vlieg Ver Weg B.V. (voorheen: [A], hierna: de vennootschap).
  2. 25-03-2001 Air Holland I B.V. (hierna: Air Holland) begint met het verzorgen van vliegreizen voor de vennootschap.
  3. 31-08-2001 Air Holland heeft in totaal dertig vliegreizen verzorgd voor de vennootschap.
  4. 22-10-2002 Het gerechtshof te Arnhem veroordeelt de vennootschap tot betaling aan Air Holland van € 511.639,-- onder de voorwaarde van het stellen van een bankgarantie door Air Holland.
  5. 25-03-2004 Air Holland wordt failliet verklaard. Mr. Pieter Ingwersen en Mr. Rocco Mulder worden aangesteld als curatoren.
  6. 25-10-2006 De rechtbank Arnhem doet uitspraak in de zaak 142233/HA ZA 06-1118.
  7. 04-07-2007 De rechtbank Arnhem doet een tweede uitspraak in de zaak 142233/HA ZA 06-1118.
  8. 02-07-2008 De rechtbank Arnhem doet een derde uitspraak in de zaak 142233/HA ZA 06-1118.
  9. 18-02-2009 De rechtbank Arnhem doet een vierde uitspraak in de zaak 142233/HA ZA 06-1118.
  10. 01-07-2009 De rechtbank Arnhem doet een vijfde uitspraak in de zaak 142233/HA ZA 06-1118.
  11. 27-11-2012 Het gerechtshof te Arnhem doet uitspraak in de zaak 200.052.133.
  12. 04-04-2014 De Hoge Raad doet uitspraak in de zaak 13/01441 en verwerpt het cassatieberoep van [eiser 1] en [eiseres 2]. De Hoge Raad veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie.